Ter voorbereiding van de heilige Mis op vrijdag 14-02-2020

Ter voorbereiding van de heilige Mis op vrijdag 14-02-2020

Europa: HH. Cyrillus, monnik, en Methodius, bisschop, patronen van het continent

Cyrillus werd geboren in Tessalonica (het huidige Saloniki in Griekenland) en ontving in Constantinopel een uitstekende wetenschappelijke opleiding. Later vertrok hij met zijn broer Methodius naar Moravië om daar het evangelie te verkondigen. Samen verzorgden zij een Slavische vertaling van de liturgische teksten in zogenaamd Cyrillisch schrift. Tijdens hun verblijf te Rome, waarheen zij geroepen waren, stierf Cyrillus op 14 februari 869; Methodius werd tot bisschop gewijd en vertrok naar Pannonië (Hongarije), waar hij zich onvermoeid wijdde aan het bekeringswerk. Veel had hij te lijden van personen die hem uit naijver bestreden, maar steeds vond hij steun bij de pausen. Hij stierf te Velahrad (in het huidige Tsjecho-Slowakije) op 6 april 885. Als apostelen van de Slavische volken werden zij door paus Johannes Paulus II in 1980 uitgeroepen tot patronen van Europa.

Uit het Slavische levensverhaal van Cyrillus († 869)

Laat uw kerk groeien en breng al haar leden in eenheid samen

het oude Griekenland

Constantijn, ook Cyrillus genaamd, was overladen met werk. Hij trok zich terug in een klooster te Rome en werd daar ziek. Toen hij al een aantal dagen ziek was, ontving hij op zekere dag een visioen van God. Hij begon te zingen: ‘Toen ze mij zeiden: wij gaan op naar het huis van de Heer, was mijn geest verblijd en jubelde mijn hart’ (Ps. 122 (121), 1).

Zij trokken hem de heilige gewaden aan en zo bleef hij die hele dag. Hij was opgewekt en zei: ‘Vanaf dit ogenblik ben ik niet langer een dienaar van de keizer of van wie dan ook op aarde, maar alleen van de almachtige God. Eerst bestond ik niet, maar ik kwam in het bestaan en nu zal ik leven in eeuwigheid. Amen.’ De volgende dag trok hij het heilige kloosterkleed aan, en gaf zichzelf de naam: Cyrillus. Gedurende vijftig dagen droeg hij dit habijt.

Toen kwam het uur waarop hij de rust zou ontvangen en naar het hemelse verblijf zou overgaan. Hij hief zijn handen op naar God en bad in tranen.

‘Heer, mijn God, Gij hebt de heerscharen der engelen en alle onstoffelijke krachten geschapen. De hemel hebt Gij uitgespannen en de aarde gegrondvest. Alles wat bestaat, hebt Gij uit het niets tot het bestaan gebracht. Altijd verhoort Gij hen die doen wat Gij wilt, die U vereren en uw geboden onderhouden. Verhoor mijn gebed, bewaar de kudde waarover Gij mij, onnutte en onwaardige dienaar, tot leider hebt aangesteld, zodat zij U trouw blijft.

Bevrijd haar van de boosheid van goddeloze heidenen, die U lasteren. Laat uw kerk groeien in aantal en breng al haar leden in eenheid samen. Maak hen tot een uitverkoren volk, dat één is in het ware geloof en de rechte leer. Beziel hun hart met het woord van uw onderricht. Het is uw eigen gunst, dat Gij ons aanvaard hebt om het evangelie van uw Christus te verkondigen, door de mensen aan te sporen om goede werken te verrichten en alles te doen wat U behaagt. Ik geef U als uw bezit hen terug, die Gij aan mij hebt toevertrouwd. Leid hen met de kracht van uw rechterhand; bewaar hen onder de hoede van uw vleugels, zodat allen uw Naam prijzen en verheerlijken, de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest. Amen.’

Hij gaf allen de vredeskus en zei: ‘Gezegend God die ons niet ten prooi gegeven heeft aan de tanden van onze onzichtbare tegenstanders. Hij heeft hun vangnet gescheurd en ons van de ondergang bevrijd.’ Toen ontsliep hij in de Heer. Hij was tweeënveertig jaar.

Op voorschrift van de paus verzamelden zich alle Grieken die in Rome waren, en alle Romeinen om met een kaars in de hand bij de uitvaart van Cyrillus te zingen en hem plechtig te begraven als betrof het de paus zelf. En zo is het dan ook gebeurd.