Preek op 20-12-2015, de 4e zondag van de advent, in het jaar C, pastoor Frank Domen, Dionysiusparochie, Heerhugowaard 

Preek op 20-12-2015, de 4e zondag van de advent, in het jaar C, pastoor Frank Domen, Dionysiusparochie, Heerhugowaard

CRÈCHE
openingswoord

Broeders en zusters, welkom op deze vierde en laatste zondag van de advent. Wij gaan de laatste kaars aansteken.

In het openingsgebed, dat wij zo aanstonds bidden ná het ‘Heer, ontferm U’, staat dat wij, mensen, blind zijn voor Gods aanwezigheid. En dat is – soms – ook zo.

Maar ook is waar, dat de huidige maatschappij het ons, christenen, wel moeilijk maakt. Alles is even lawaaierig, drukke lichteffecten in reclames, alles is even schitterend.

En dat terwijl onze Verlosser juist zo rustig en bescheiden is. Geen lawaai, geen schittering, geen prachtige knipperende neonreclames in kleur, nee, een arme oude stal.

Wij zitten zo in elkaar, dat onze aandacht dikwijls eerst uitgaat naar wat opvalt. Vragen wij daarom, dat wij meer oog mogen krijgen voor wat klein is: een moeder met haar Kind in een arme stal van herders. Dáár ligt onze redding en nergens anders.

Vragen wij vergeving voor de keren, dat wij ons te veel door de buitenkant van de dingen hebben laten meeslepen en God en elkaar over het hoofd hebben gezien.

openingsgebed

Laat ons bidden. Verborgen God, Gij kent ons, Gij weet hoe blind wij zijn voor uw nabijheid, hoe ver wij nog verwijderd staan van U. Onthul ons uw aanwezigheid, breng ons tot de gehoorzaamheid van het geloof, en roep ons tot de gemeenschap van Jezus Christus, onze Heer. Die met U leeft en heerst… . Amen.

kinderwoorddienst
preek

Lieve medeparochianen, in de viering van het kerstfeest, is er één hoofdrolspeler: Onze Heer Jezus Christus, die als mens onder de mensen is geboren. Maar nu de heilige adventstijd haar einde nadert, wil onze Moeder de Kerk, ons laten stilstaan bij de vrouw zonder wie het mysterie van de menswording niet mogelijk was geworden: Moeder Maria. Zij is zwanger en net als iedere andere moeder verlangt zij ernaar haar Kind in haar armen te mogen sluiten. Maria is echter ook de Moeder van heel de mensheid. En daarom verlangen in Maria alle mensen overal ter wereld naar de komst van de Verlosser. Er is maar Eén Iemand, die ons werkelijk kan verlossen, die ons blijvende vrede kan schenken, dat is Jezus Christus. Daarom verlangen alle mensen – bewust of onbewust – naar zijn komst.

Het evangelie spreekt over eenvoudige zaken: een reis, een groet en blijdschap. Maria heeft van de engel Gabriël vernomen, dat haar nicht Elisabeth in haar zesde maand is. Daarom reist zij met spoed af. Want omdat Elisabeth op leeftijd is, kan zij een beetje extra hulp goed gebruiken.

Twee zwangere vrouwen ontmoeten elkaar. Zij zijn allebei heel blij met de onverwachte komst van hun kind. Maria, omdat zij geen omgang heeft met een man; Elisabeth, omdat zij al over de leeftijd was. Twee onverwachte Godsgeschenken.

Ons gebeurt het weleens, dat er iets groots te gebeuren staat – een bijzonder jubileum bijvoorbeeld – en dat er zo veel moet gebeuren, dat wij voor niets en niemand anders nog tijd hebben. Maar Maria en Elisabeth staan in hun vreugde en dankbaarheid helemaal open voor de ander.

Er bestaan ‘sacramentele woorden’ waardoor Gods genade wordt meegedeeld. Als de priester zegt “Dit is mijn Lichaam”, dan verandert door die woorden het brood in het Lichaam van Christus. Of als de priester zegt “Ik ontsla u van uw zonden”, dan worden de zonden van de biechteling helemaal vergeven. Welnu, Maria en Elisabeth worden vervuld van de heilige Geest, zijn allebei zo vol van genade, dat hun woorden als het ware ‘sacramentele woorden’ zijn: zij delen aan de ander Gods genade mee. Uit hun hart stroomt Gods genade over naar de ander.

Willen wij een medemens kunnen groeten, dan moeten wij eerst oog hebben voor die medemens. Het zal ook onszelf weleens zijn overkomen, dat wij leken op te gaan in de grote massa van een overvolle winkelstraat en dat wij toch opeens onze naam hoorden noemen. Wij kijken op en zien een kennis enthousiast zwaaien. Midden in de anonieme massa ontstaat er opeens een relatie, nieuw leven. Gezichten klaren op. Mensen zijn blij elkaar te zien en om even van gedachten te kunnen wisselen. Er wordt iets geestelijks uitgewisseld.

Zo was er ook tussen Maria en Elisabeth sprake van een geestelijke uitwisseling. Maria was al vol van de heilige Geest, vol van genade. En zodra de stem van Maria Elisabeth bereikte, sprong het kind van vreugde op in Elisabeths schoot, werd ook zij vervuld van de heilige Geest. Het geestelijke, een diepe vreugde, vloeide over en weer.

Lieve medeparochianen, ook wij worden iedere Eucharistieviering door de Heer begroet met de woorden “De Heer zij met u”. Andere mensen – ook zij die niet naar de kerk gaan, familieleden of vrienden of vreemden – zijn ook kinderen van God, zijn schepselen. Als wij beter zouden beseffen, dat ook zij door de Heer worden bemind, gezegend, zouden wij hen dan niet met meer liefde begroeten!? Als wij zouden weten, dat wij over 5 minuten paus Franciscus of koning Willem-Alexander zouden mogen begroeten, zouden we dan niet nu al in de startblokken klaarstaan!? Een medemens, die wij mogen gaan begroeten, is ook van koninklijke familie, een broeder of zuster van Christus, Koning van het Heelal.

Wat wij van Elisabeth kunnen leren is dat wij ons voor een groet moeten openstellen. Wij moeten vanwege bijvoorbeeld tijdgebrek niet met een vlug handgebaar aan de groet van de ander voorbijgaan. Want een ontmoeting is een door God gegeven mogelijkheid om iets geestelijks uit te wisselen. We willen allemaal zo graag, dat onze familieleden op de goede weg blijven of terugkeren. Laten wij dan beseffen, dat wij net als Maria en Elisabeth het heilige in ons dragen en dat wij dat heilige op een ander kunnen overdragen.

De heilige Geest wordt ons en andere mensen meegedeeld door te bidden, door in de heilige Schrift lezen en heel bijzonder door het ontvangen van de heilige Sacramenten. Maar ook wijzelf dragen door dat alles het heilige in ons, kunnen het op andere mensen overdragen.

Moeder Teresa – die volgend jaar door Paus Franciscus wordt heilig verklaard – zei ooit: Als iemand jou ontmoet heeft, moet hij gelukkiger van je weggaan dan hij gekomen is.

Er werd eens een kapelaan overgeplaatst tot groot verdriet van de parochianen. Zij stuurden een delegatie naar de bisschop om te vragen of de kapelaan niet mocht blijven. “Maar waarom dan”, vroeg de bisschop? “Jullie weten, dat hij niet goed kan preken, zingen kan hij ook al niet. Ik zal een andere goede priester in zijn plaats sturen”. Maar iemand van de parochie antwoordde: “Ja, meneer de bisschop, dat weten we allemaal, maar er is iets anders: van deze man gaat iets uit. En daarom willen wij hem graag houden”.

Hiermee, lieve medeparochianen raken wij de kern van de ontmoeting tussen Maria en Elisabeth: van hen allebei ging iets uit. Gods liefde en vrede en vreugde werd ervaarbaar.

Is dat ook in onze tijd nog mogelijk? Jazeker, als wij ons van tijd tot tijd maar bewust zijn van deze mogelijkheid en de wens om iets geestelijks over te dragen af en toe tegenover God hernieuwen, dan gebeurt het!

Nog enkele dagen en het is weer Kerstmis. Gaat er vrede voortkomen uit de ontmoetingen, die mensen in deze drukke dagen met elkaar hebben? Gods vrede komt niet vanzelf als een postpakketje uit de hemel vallen. We zullen eraan moeten meewerken. Wat ik jullie en mezelf in deze laatste dagen toewens is een groot geloof en een krachtdadige liefde, ook de vreugde om het christen zijn.

Op het einde van de heilige Mis wil ik jullie een blaadje meegeven met een van de laatste boodschappen van Paus Franciscus inzake het ‘Jaar van de Barmhartigheid’. Waarom een jaar van barmhartigheid, vraagt de Paus? Omdat barmhartigheid behoort tot de diepste wezen van God. Jezus is in de wereld gekomen om deze barmhartigheid uit te stralen, om dit grote geestelijke goed over te dragen. En dit ‘Jaar van de Barmhartigheid’ is een mooie gelegenheid onszelf die barmhartigheid in herinnering te roepen, om zelf vergeving te krijgen, maar ook om door te geven aan andere mensen. De wereld heeft barmhartigheid nodig. Het is de taak van de Kerk, de taak van kerkelijke mensen, van gelovige mensen, om deze barmhartigheid uit te dragen. Het is uit barmhartigheid, dat God in Jezus Christus is mensgeworden, dat wij Kerstmis kunnen vieren. Geen groter plezier kunnen wij God te doen, geen groter nood van de medemens kunnen wij vervullen, dan door barmhartig te zijn. Laten wij ons laten begroeten door de barmhartige God. Begroeten wij op onze beurt weer onze medemensen. Amen.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.