Preek op 19-10-2014, 29e zondag door het jaar A, pastoor Frank Domen

Preek op 19-10-2014, 29e zondag door het jaar A, pastoor Frank Domen

openingswoord

Beste medegelovigen, allemaal van harte welkom bij deze heilige Eucharistieviering.

Waarom zijn wij naar de kerk gekomen? Ik neem aan met de beste bedoelingen!

De Farizeeën in het evangelie van vandaag komen in de hoop Jezus in het nauw te kunnen drijven. Hij is voor hen een last, spreekt hen aan op hun manier van leven, zodat hun geweten gaat spreken.

Welnu, Jezus Christus is een lieve last. En het liefste wil Hij zo veel mogelijk onze lasten van ons afnemen, óók onze zondelast.

Laten wij daarom voor God en voor elkaar onze zonden belijden.

openingsgebed

Laat ons bidden. God, Gij alleen zijt de Heer en niemand anders. Help ons om oprechte christenen te zijn: dat wij niet offeren aan geld of goed; dat macht en aanzien ons hart niet maken tot een steen. Maak dat wij de blik op Hem gevestigd houden, die ons van U het levend beeld gegeven heeft: Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer. Die met U leeft en heerst … . Amen.

GÉÉN KINDERWOORDDIENST VANWEGE DE FAMILIEVIERING

preek

Jezus kun je niet met een strikvraag vangen. Hij wordt immers geleid door goddelijke wijsheid. Hij geeft dan ook een antwoord waar de Farizeeën, de joodse kerkelijke leiders, niet tegenop kunnen: “Geeft aan de keizer wat de keizer toekomt, en aan God wat God toekomt”.

Het zou voor sommige mensen misschien gemakkelijk zijn als zij de dingen van God en die van de keizer duidelijk van elkaar kunnen onderscheiden. Er zijn immers mensen, die graag alles en iedereen in hokjes opdelen: dit zijn de rijken en dat zijn de armen. Dit zijn de gelovigen en dat zijn de ongelovigen. Zo hoort volgens sommige mensen het geloof thuis in het kerkgebouw en de politiek en de economie horen thuis – zeg maar – in Den Haag. En misschien menen zelfs sommige gelovigen, dat wij in huidige maatschappij niet volgens christelijke maatstaven kunnen leven. Vadertje Staat heeft zijn eigen bezigheden en Moeder de Kerk bidt en zingt in het kerkgebouw.

Wat denken wij, lieve mensen, hebben Kerk en politiek iets met elkaar te maken? Het is toch Jezus zelf, die gezegd heeft, dat zijn Rijk niet van deze wereld is!?

Inderdaad, niet van deze wereld, maar alleen in zoverre deze wereld soms gehandhaafd wordt door list en bedrog, door geweld en onderdrukking. Die zaken horen niet bij het Koninkrijk van God.

Maar is het niet zo, dat het Rijk Gods midden in deze wereld groeit en dat het zichtbaar wordt gemaakt door mensen, die zich vrijwillig en bewust in Naam van God inzetten voor liefde en eenheid, vrede en gerechtigheid!? Zoals wij kunnen kiezen tussen bijvoorbeeld Ajax en Feyenoord of tussen AZ en PSV – dat zijn min of meer gelijkwaardige grootheden – kunnen wij zo ook kiezen tussen God en de keizer als tussen twee gelijkwaardige partijen? God is, die is, van alle eeuwigheid. En de keizer komt en gaat, die krijgt of steelt zijn macht. Iedere menselijke macht is zeer betrekkelijk. Maar de macht van God is volmaakt, allesomvattend en van alle eeuwigheid.

Feitelijk stellen de Farizeeën Jezus voor een dilemma: antwoordt Hij, dat de joden aan de keizer belasting moeten betalen, dan krijgt Hij de joden tegen zich, want de keizer is de bezetter van hun land; antwoordt Hij, dat de joden geen belasting moeten betalen, dan loopt Hij het risico wegens volksopruiing gearresteerd te worden.

Maar Jezus is de wijsheid zelve. Hij vraagt wiens beeld er op de munt staat. Zij antwoorden, dat het het beeld van de keizer is. En dan geeft Jezus dat werkelijk schitterende antwoord: “Geeft dan aan de keizer wat de keizer toekomt, en aan God wat God toekomt”.

De munt hoort toe aan het werkgebied van de keizer, het keizerrijk. De munt met zijn beeld erop is dus van hem. Geldt niet zo ook het omgekeerde, dat wij aan God moeten geven wat zijn beeld draagt?

Weten jullie, lieve medeparochianen, wat in deze wereld het beeld van God draagt!? Is dat niet… de mens? Zijn wij niet geschapen naar Gods beeld en gelijkenis? Zoals de munt aan de keizer toebehoort, behoren wij zo niet aan God toe? De mens als individu en ook de mensen als gemeenschap, als volk van God? Heel de mens, heel de mensheid, hoort aan God toe en alle dagen van ons leven horen wij aan God toe, omdat wij helemaal van Hem afhankelijk zijn. Zijn wij niet uit God voortgekomen en is heel ons leven niet een op weg zijn naar God? Hoort dan ook niet de keizer aan God toe?

Als iedereen aan God toebehoort, kunnen wij de mens dan nog wel in hokjes opdelen: de sociale sfeer, de politieke, de godsdienstige, de economische sfeer? Breken wij het beeld van God in de mens dan niet in stukken? Wij zouden een gebroken bestaan leiden. En inderdaad, in onze tijd leiden veel mensen een gebroken bestaan. Zij hebben de verbondenheid met hun oorsprong verloren. Kunnen wij niet voor hen bidden, opdat zij God opnieuw mogen leren kennen? Alleen in Hem kunnen zij de zin van hun bestaan vinden, kunnen zij het enige ware geluk hervinden.

Wij, hier aanwezig, weten, dat wij niet alleen maar op zaterdagavond van 19.00 tot 20.00 uur/op zondagmorgen van 10.00 tot 11.00 uur godsdienstige mensen zijn. Godsdienstig, dienstbaar aan God, en aan elkaar. Er zijn tankstations waarbij een bordje staat: “24 uur open”. Zijn wij dag en nacht open, zeven dagen per week? Maar omdat dus ook de keizer – lees: onze overheid – in dienst staat van God, moeten wij dus ook de keizer geven wat de keizer toekomt.

Geven wij een kind wat het toekomt? Geven wij onze ouders, familieleden en vrienden wat hen toekomt? Geven wij onze baas, onze collega’s, onze clubgenoten, wat hen toekomt? Vandaag kunnen wij mensen in nood geven wat hen toekomt. Het is Missiozondag.

Missio besteedt aandacht aan de katholieke Kerk in Myanmar (Birma). Volgend jaar zijn er presidentsverkiezingen. Velen vestigen hun hoop op Aung San Suu Kyi, oppositieleidster en winnares van de Nobelprijs voor de Vrede.

In Myanmar bevindt zich in het noorden een groot opvangkamp, een soort AZC zoals wij dat volgend jaar in Heerhugowaard krijgen, waar veel christenen in moeilijke omstandigheden verblijven. Katholieke scholen en ziekenhuizen werden door de militairen onteigend en genationaliseerd, buitenlandse missionarissen het land uitgezet.

Vandaag de dag ervaren katholieke gelovigen een grotere vrijheid om hun geloof te beleven. Priesters, religieuzen en catechisten nemen de zorg op zich voor zieken, gehandicapten en armen. Er zijn veel roepingen.

Het onderwijsniveau is echter zeer laag. Goed opgeleide burgers en kritische studenten werden door de militairen gezien als een bedreiging. De Kerk kan zich nu weer sterk maken voor goed onderwijs. In landelijke gebieden kunnen kinderen terecht op internaten, die naast een Staatsschool liggen. Een belangrijke rol nemen ook de katholieke zomerkampen in. Nu de Kerk in Myanmar weer kansen krijgt, is onze steun hard nodig. Zo aanstonds is de collecte helemaal voor Missio. Geven wij deze broeders en zusters wat hen toekomt!

Christenen hebben de plicht om aan politiek te doen, dat wil zeggen, zij hebben de plicht zich in te zetten voor rechtvaardige en menswaardige structuren in de samenleving, ver weg en dichtbij. Willen wij, christenen, een politiek voorstaan, die voortkomt uit de geest van Jezus? En ook al is het waar, dat Jezus niet aan politiek gedaan heeft, zijn prediking heeft politiek gezien wel diepgaande gevolgen. Een christelijke politiek zal steeds de nadruk leggen op de fundamentele rechten van elke mens – ook bijvoorbeeld op de rechten van de ongeboren mens – en dus moet de mens in het maken van wetten altijd als beeld van God op de voorgrond staan.

Als wij als katholieke parochie een partijprogramma zouden moeten schrijven, wat zou er dan in staan? Eigenlijk zou één woord voldoende zijn: Liefde! Belangeloze liefde wel te verstaan. Liefde voor God en liefde voor de medemens. Als wij als katholieken ‘s morgens opstaan en bedenken wat wij die dag zullen gaan doen, moet dat ene woord vooral door ons hoofd gaan: liefde, altijd weer, steeds opnieuw… liefde, onder alle omstandigheden. Als wij alles in liefde doen, hebben wij altijd een mooie en vruchtbare dag.

Laat dat ónze wijsheid zijn: wat ik ook doe, ik doe het met liefde!

Dionysiusparochie