Preek op 04-05-2014, 3e zondag van Pasen, pastoor Frank Domen

Preek op 04-05-2014, 3e zondag van Pasen, pastoor Frank Domen

openingswoord

Broeders en zusters, allemaal van harte welkom op deze 3e zondag van Pasen. Wij vieren de 15e dag van de 50 dagen durende Paastijd.

Ons leven duurt ook voort. Wij kennen momenten van grote vrede en vreugde. Wij kennen ook momenten van onvrede en teleurstelling, boosheid zelfs.

Maar hopelijk hebben wij ook weleens meegemaakt, dat iets zich helemaal verkeerd ontwikkelde, maar dat het uiteindelijk toch allemaal goed is gekomen.

Het overkwam de apostelen en de andere leerlingen. Jezus, hun Meester, op wie zij al hun hoop hadden gesteld, voor zichzelf en voor heel Israël, was gedood. Ondanks alle waarschuwingen van Jezus zelf, hadden zij er eigenlijk niet op gerekend. Al hun hoop was vervlogen.

Maar dan gebeurt het. Terwijl vrijwel alle mensen nog slapen, laat God zijn Zoon uit de dood opstaan. Van het ene moment op het andere is alles weer goed. Het moet nog wel tot de apostelen en de andere leerlingen doordringen, maar God heeft het geregeld.

Op Goede Vrijdag barstte de hel los, maar nu – en vooral met Pinksteren – barst de hemel los.

Danken wij God voor zijn reddend ingrijpen. Leggen wij Hem ook onze huidige Kerk en samenleving, opdat Hij ook hier en nu reddend kan ingrijpen.

Een bijzonder woord van welkom voor twee echtparen en hun families: Dries en Nel Dekker-Zuurbier en Jan en Alie Weel-Groot. Twee echtparen, die zestig jaar getrouwd zijn. Wat een genade. Jullie eigen hart loopt over van dankbaarheid, misschien ook een klein beetje trots, dat jullie dit hebben mogen bereiken. Het is jullie gegeven, maar het is niet alleen een kwestie van blijven ademen, je moet elkaar blijven liefhebben in goede en in kwade dagen. En dat hebben jullie alle vier gedaan. Wij zijn blij voor jullie en samen met jullie willen wij God danken en Hem om zijn zegen vragen voor de toekomst.

openingsgebed

Laat ons bidden. Heer God, door de profeten hebt Gij tot ons gesproken en in Jezus, uw Zoon, is hun woord tot vervulling gebracht. Wij danken U om het levende woord, onze verrezen Heer, en vragen: open onze ogen voor Hem, die met ons door het leven gaat; open onze oren voor Hem, die tot ons spreekt in het evangelie; maak onze geest toegankelijk voor het begrijpen van de Schriften. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon … .

kinderwoorddienst

preek

Het verhaal van de Emmaüsgangers is niet het verhaal van twee mensen, maar het verhaal van iedere gelovige.

Twee mensen verlaten de stad Jeruzalem, waar Jezus gekruisigd is, en reizen naar het dorpje Emmaüs. Zij hebben deze reis vaker gemaakt, maar dit keer valt het hen zwaar. Zij hebben het houvast, het middelpunt van hun leven, verloren. Het is een geloofsweg, die zij gaan. Zij zetten verschillende stappen, stappen, die ook wij zetten.

De eerste stap was, dat zij met elkaar spraken over alles wat gebeurd was. Heel belangrijk! Wie van ons heeft er af en toe geen behoefte aan met een vertrouwenspersoon te praten over wat er allemaal gebeurd is? We willen, dat iemand naar ons luistert.

En dan blijkt, dat Jezus Christus zelf een en al aandacht heeft, maar zij kunnen Hem niet herkennen, nog niet. Zonder dat zij het weten, wordt hun weg een weg naar de Heer, een weg naar geloof.

Zij dachten beter geïnformeerd te zijn dan deze vreemdeling. Maar deze spreekt op zo’n manier vanuit de Schrift over alles wat was voorgevallen, dat hun hart gaat branden van enthousiasme! Dit is een tweede, belangrijke stap: in grote lijnen inzicht krijgen in Gods bedoelingen.

De derde stap was de tafelgemeenschap met de Heer. Het was in Israël gewoon om bij het invallen van de duisternis een vreemdeling uit te nodigen bij jou de maaltijd te gebruiken en te overnachten. Als Jezus dan met hen aan tafel aanzit, en Hij breekt het brood, juist als bij het Laatste Avondmaal, gaan hun ogen open.

Nu de laatste stap. Zij keren onmiddellijk terug naar Jeruzalem. Moedeloos waren zij gegaan, begeesterd keren zij terug. Het leven is anders geworden. Jezus heeft voor hen nieuwe mogelijkheden geopend. De vierde en laatste stap is, dat wie de boodschap van de verrijzenis werkelijk begrepen heeft, daarover niet kan zwijgen.

Beste mensen, ook wij zien het weleens niet meer zitten. Moedeloos verlaten wij ons huis. Wij zouden onze nood willen uitspreken, maar soms is er niemand. Jezus Christus gaat echter altijd met ons mee! Hij heeft een en al aandacht voor ons. Zeggen wij Hem wat ons dwars zit. Misschien zelfs gewoon hardop, als wij een keer alleen zijn. Wij blijven te veel met ons verdriet en onze zorgen rondlopen. Wij lopen – zoals men zegt – met onze ziel onder de arm. Spreken wij het uit … bij Hem! Hij is altijd bij ons … overal … dag en nacht!

Maar weet dan, dat Hij ook ons die tweede stap wil laten maken. Dat Hij ons wil laten inzien, dat lijden – als het wordt opgedragen aan God – tot de heerlijkheid voert. En dat dat zo is, zien wij aan zijn eigen leven. Wij zagen het aan het leven van de paus. Al zijn bezoeken en zelfs zijn uitvaart waren heerlijke tekens van Gods liefde voor ons.

Als je een beetje kunt begrijpen dat het lijden zinvol kan zijn, blijf je het gewicht van het kruis wel voelen, maar het wordt wel ietsje minder zwaar. Wie in Jezus gelooft, probeert die weg te gaan, in geloof, in vertrouwen. Die merkt na verloop van tijd, dat God inderdaad met hem is.

Langzaam aan zullen onze ogen opengaan en beetje bij beetje zullen wij inzicht verkrijgen in wat God met ons voorheeft. Meestal is het anders als wij denken. Ook ons leven moet delen in het paasmysterie, d.w.z. ook wij moeten – of beter gezegd – ‘mogen gaan’ van duisternis naar licht, van lijden naar heerlijkheid, van dood naar leven.

Wij zouden natuurlijk liever een weg gaan, die vrij is van lijden en dood, maar dat is onmogelijk. Het lijden hoort bij het leven. En de ene keer is het dit en dan weer dat. Er komt altijd weer iets nieuws.

Ook wij mogen echter – net als de Emmaüsgangers – met Jezus Christus aan tafel. En wij ontvangen een bijzondere spijs. Hij geeft zichzelf, met al zijn liefde, met al zijn kracht.

En als wij nu ook wij maar bereid zijn om echt stil te worden, om te luisteren naar wat Hij ons te zeggen heeft, uit te leggen heeft, dan zal ook ons hart branden van enthousiasme, zullen wij de kracht ervaren om altijd door te kunnen gaan, blijmoedig.

Laten ook wij net als de Emmaüsgangers vragen: blijf bij ons, Heer. Doe ons in vreugde leven, alle dagen van ons leven.

Wij zitten een uurtje in de kerk. Laat het geen kwestie zijn van uitzitten, alsof het om een lastige plicht gaat, die wij katholieken nu eenmaal iedere zondag moeten volbrengen. Nee, laten wij echt met ons hart bij de Heer zijn, want Hij is met zijn hart bij ons!

Als je zestig jaar met elkaar bent getrouwd – ik zou bijna zeggen – dan heb je met elkaar wel meer dan vier stappen. Dan heb je zo veel met elkaar beleefd, in goede en in kwade dagen, dan is je liefde beproefd, je liefde is gerijpt, het kan eigenlijk niet meer stuk gaan.

Dries en Nel, jullie hebben elkaar op de kermis in Heerhugowaard De Noord leren kennen. Je kunt op de kermis bij sommige attracties
prijzen winnen: welnu, jullie hadden geen mooiere prijs kunnen winnen dan elkaar. Levenslange liefde, het mooiste en kostbaarste geschenk dat bestaat. Dries heeft vooral in de zuivel gewerkt, met veel plezier. Nel was altijd huismoeder. Met haar gezondheid gaat het nu wat minder. Pa noemt zichzelf de wasvrouw en hij zorgt ook voor het eten, maar jullie zijn nog bij elkaar en dat is heel fijn.

Toen ik bij Nel en Dries thuis op bezoek was, kregen wij een gesprek over de vraag hoe het was in de hemel. Nou, daar weet een pastoor natuurlijk alles van, uche. Ik legde uit, dat als er een ding in de hemel geen probleem is, dan is het wel de ruimte. Er is eerder te veel ruimte voor iedereen dan te weinig. En van daaruit begon Dries over hoe groot alles inderdaad was en hij vroeg zich af hoe snel de aarde om de zon heen draait. Ik beloofde hem dat te zullen opzoeken. Met een duizelingwekkende snelheid van 107.200 km/h draait de aarde om de zon. Dat is ongeveer 30 km/s. Wij hopen, Nel en Dries, dat jullie nog een aantal keren mogen meemaken dat de aarde om de zon draait.

Jan en Alie, jullie hebben elkaar leren kennen op een landbouwtentoonstelling. Er was iets te doen met paarden. En toen jullie elkaar zagen, dachten jullie misschien wel: Die daar, dat lijkt me wel een mooi raspaardje. Ik zal maar eens vragen wat dat paard kost. Nou, ik weet niet hoe hoog de prijs was, maar het is volop de moeite waard geweest. Ook jullie hebben zestig mooie jaren met elkaar gehad. Jan altijd in de veehandel en Alie altijd gewerkt als huismoeder. De gezondheid is best nog wel goed, maar iedereen heeft zo zijn verdriet. Jullie hebben vier kinderen gehad. Eentje stierf al als baby en een tweede stierf als volwassen vrouw en moeder. Wat een verdriet moet dat zijn geweest en nog! Wij weten vanuit ons geloof, dat wij in de hemel weer allemaal bij elkaar zullen zijn. Dat heeft Jezus ons beloofd. Laten we ons daar aan vasthouden.

Wij wensen jullie alle vier, Dries en Nel, Jan en Alie, van harte proficiat met dit prachtige feest en wij bidden zo aanstonds om Gods zegen over jullie en jullie familieleden. Amen.

Dionysiusparochie