Preek op 02-03-2014, 8e zondag door het jaar A, pastoor Frank Domen

Preek op 02-03-2014, 8e zondag door het jaar A, pastoor Frank Domen

openingswoord

Broeders en zusters, allemaal van harte welkom bij deze heilige Eucharistieviering van de achtste zondag door het jaar.

Wij beleven met een zekere regelmaat allerlei spannende situaties in de wereld. Nu weer in Oekraïne en op de Krim. Hoe zal het afgelopen? Alleen God weet het. Wij, gewone mensen, kunnen er alleen maar voor bidden en in de tussentijd zo veel mogelijk aan de vrede werken in onze eigen, kleine omgeving. Want dat maakt ons gebed krachtiger. Aan ons gebed Kan God zien, dat wij verlangen naar datgene waarvoor wij ook zelf naar vermogen werken. Het heeft geen enkele zin om ons zorgen te maken over een mogelijke escalatie. Wij doen er beter aan het leven te nemen zoals het komt en er het beste van te maken.

Ik las laatst over een echtpaar, dat over het strand liep. Zij waren allebei rond de zestig jaar. Al wandelend schopte hij hier en daar een beetje verveeld tegen wat rommeltjes, die op het zand lagen. Maar op een gegeven moment schopte hij tegen iets dat half onder het zand verborgen lag en er kwam zo maar een oude, maar mooie olielamp te voorschijn. En misschien raden jullie het al: toen hij met zijn mouw over de lamp streek om er het zand af te vegen, kwam er opeens een geest te voorschijn. En die geest verklaarde, dat hij een wens mocht doen, eentje maar. De man dacht toen: Dit is mijn kans! Hij zei: Ik wens een vrouw te hebben, die dertig jaar jonger is dan ik. Oh, zei de geest, dat is maar een kleinigheid. Hij nam uit een zakje een beetje toverpoeder en blies dat over de man uit. Er volgde een kleine ontploffing en toen de rook was opgetrokken stond daar… een negentigjarige man. Hij had nu inderdaad een vrouw, die dertig jaar jonger was dan hij.

Het betreft natuurlijk een sprookje, maar geeft wel duidelijk aan, dat wij het leven en de mensen om ons heen maar beter kunnen nemen zoals ze zijn. En hoe minder zorgen wij ons maken, hoe beter het is. Hoe minder grote wensen, die op onszelf zijn gericht, wij hebben, hoe meer innerlijke rust en vrede wij zullen ervaren.

openingsgebed

Laat ons bidden. God, hemelse Vader, aan mensen die angstig zijn voor de dag van morgen en bezorgd uitkijken naar de toekomst, verzekert Gij dat niemand buiten uw aandacht valt. Wij vragen U: sterk ons als wij kleingelovig zijn; dat wij niet ophouden uw koninkrijk te zoeken en zijn gerechtigheid. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon … . Amen.

preek

Ieder mens heeft weleens last van angsten en zorgen, van angstige dagen of zelfs van angstige weken, als je bijvoorbeeld lang moet wachten op de uitslag van een belangrijk medisch onderzoek. Angsten behoren tot de grote lasten van het menselijke leven. Zij zijn ook typisch menselijk. Dieren kunnen ook heel angstig zijn, maar eigenlijk alleen op het moment zelf. Onze angsten kunnen dieper zijn en zwaarder wegen, vanwege onze mogelijkheid om – gedeeltelijk – in de toekomst te kunnen kijken. Jezus zegt vandaag, dat de vogels in de lucht en de lelies in het veld, geen last hebben van al die angsten.

Wij vragen ons weleens af wat wij zullen eten en wat we zullen drinken… bij een feestmaaltijd. Waarmee zullen wij ons kleden? Of zullen we maar iets nieuws kopen? Dat zijn niet bepaald de grootste zorgen. Dit gaat allemaal over bijkomstigheden.

Er zijn andere vragen, die ons echt een gevoel van beklemming, benauwdheid, kunnen geven. Zullen wij volgende week nog werk hebben of horen wij bij dat gedeelte van het personeel dat ontslagen zal worden? Zullen wij onze levensstandaard kunnen handhaven of moeten wij kleiner gaan wonen? Zullen wij de thuiszorg, die onze oude moeder en oma toch echt nodig heeft, kunnen blijven krijgen? Zullen wij onze auto moeten verkopen?

Dit zijn vragen, die al heel wat belangrijker zijn, maar ze zijn voor ons belangrijk geworden, omdat wij zo gewend zijn geraakt aan een bepaalde manier van leven. In hoe vele landen is er helemaal geen thuiszorg en moeten de familieleden maar voor elkaar zorgen!? De familieband is daar misschien dan ook sterker dan bij ons.

Laatstgenoemde zorgen kunnen verstikkend zijn. En als mensen zich er ongeremd door laten leiden, zich erdoor laten meeslepen, zich eraan overgeven – in plaats van zich aan God over te geven – kunnen zij flink ziek worden. Ziekenhuizen en ook cafés worden deels door dit soort mensen bevolkt. Angstige zorgen gaan in onze moderne wereld vaak hand in hand met alcoholisme, drugs en zelfmoord.

Misschien dat wij vinden, dat de opmerkingen van Jezus in het evangelie ten aanzien van angstige zorgen een beetje naïef zijn: Kijk maar even naar de vogeltjes en de bloemetjes, en dan komt het allemaal goed. Een beetje een flowerpowerachtige uitspraak. Maar misschien wil Jezus met zijn uitspraken onze aandacht meer richten op het wezenlijke dan dat wij ze letterlijk opvatten. Zulke woorden zijn profetisch. Ze spreken niet zozeer een leer uit, niet een soort geloofsbelijdenis, die wij staande mogen opzeggen, maar Jezus’ Blijde Boodschap van vandaag houdt meer een impuls in, een stimulans, die ons tot nadenken en tot handelen moet aanzetten. Jezus wil zeggen: Kijk toch eens naar je leven. Wat maak je je toch veel zorgen! Worden je angsten daardoor niet onnodig veel groter!? Nauwelijks heb je een mooie auto gekocht of er is alweer een nieuwer model uitgekomen, nog mooier en groter en sneller. Mensen willen uitbreiden van één winkel naar drie en vijf en tien winkels. Al vele jaren zijn mensen bang om met elkaar te trouwen. Daarom maar eerst samenwonen. Of dat helpt!? Het aantal echtscheidingen is explosief gestegen.

Zo hebben mensen steeds allerlei zorgen en ik heb weleens ergens gelezen, dat maar liefst 40% van het aantal zorgen eigenlijk overbodig is. Het is daarom, dat Jezus Christus zegt: Elke dag heeft genoeg aan zijn eigen leed. Hij wil ons blijkbaar een paar maagzweren besparen door te zeggen: Maak je maar geen zorgen voor de dag van morgen. En Hij geeft onze drie mogelijke stappen met behulp van waarvan wij ons een beetje van onze zorgen kunnen verlossen.

Een eerste stap is, dat wij zouden moeten proberen om geen twee verschillende heren te dienen. Angstige zorgen om allerlei bijkomstige zaken raken niet alleen het hart van de mens, maar ook het hart van God. Wij nemen God niet ernstig als wij te veel rekenen op de macht van het geld.

Een tweede, verstandige stap is, dat wij niet altijd bekommerd moeten zijn om onszelf. Mensen die aan een depressie lijden kunnen misschien wat minder ziek worden of zelfs genezen als zij proberen minstens elke dag één iemand een pleziertje te doen. Dat geeft zoveel blijdschap, aan die ander, maar ook aan jezelf. Hoe meer je zorgt voor anderen, hoe minder bezorg je bent om jezelf.

Een derde en misschien wel beslissende stap is: het Rijk van God in je leven op de eerste plaats stellen. Voor wie leeft voor de grote zorgen van Kerk en Samenleving worden de eigen persoonlijke noden steeds minder zwaar. Wij mogen weten, dat Jezus zorg draagt voor mensen, die op hun beurt zorgen voor Kerk en Samenleving.

Proberen wij steeds losser om te gaan met al wat in het leven bijkomstig is en ons meer en meer vast te houden aan de kern: de liefde tot God en de naaste. Amen.

Dionysiusparochie