Preek op dinsdag 1 januari 2013, Maria, Moeder van God, pastoor Frank Domen

Preek op dinsdag 1 januari 2013, Maria, Moeder van God, pastoor Frank Domen

openingswoord

Broeders en zusters, allemaal van harte welkom op deze laatste dag van het jaar 2012. Het is een dag om terug te kijken en een dag om vooruit te kijken. Zoals gebruikelijk hebben de nieuwsmedia ons de afgelopen dagen weer herinnerd aan alle belangrijke gebeurtenissen van het afgelopen jaar.

Maar ook ieder van ons heeft het nodige achter de rug. Dat komt meestal niet op het journaal, maar kan voor ons persoonlijk belangrijker, ingrijpender, zijn geweest dan welke gebeurtenis in de grote wereld ook. Ik hoop, dat wij op vreugdevolle momenten God hebben bedankt. En dat wij in momenten van duisternis Gods hulp hebben ingeroepen en zijn steun ook daadwerkelijk hebben mogen ervaren.

Als het gaat om de hemel is Maria ons nog het meeste vertrouwd. God is zo almachtig. Jezus is zo’n grote wonderdoener, die grote mensenmassa’s bijeen wist te brengen. De Heilige Geest is zo ongrijpbaar. Ook Moeder Maria is door en door heilig, maar in zekere zin lijkt zij nog het meeste op ons. Zij is wel zonder zonde ter wereld gekomen, maar zij is ten minste geboren uit een gewone vader en een gewone moeder. Zij is altijd heel eenvoudig gebleven. Pas later, toen zij in de hemel kwam, is zij verheven tot koningin van hemel en aarde. Aan haar hand mochten wij het afgelopen jaar veel goeds ontvangen en veel goeds doen. Aan haar hand mogen wij aan het nieuwe jaar beginnen.

Proberen ook wij eenvoudig te zijn, net als Maria, en gaan wij er vol vertrouwen aan beginnen. Denken wij niet te veel aan gisteren en kijken wij niet te veel vooruit. Aan telkens één dag tegelijk hebben wij meestal onze handen vol. Met de hulp van Maria kunnen wij er elke nieuwe dag iets heel moois maken.

Voor wat wij het afgelopen jaar minder goed of helemaal niet goed hebben gedaan, vragen wij nu samen om vergeving.

openingsgebed

Laat ons bidden. God, door het moederschap van de heilige maagd Maria hebt Gij de rijkdom van de verlossing aan de mensen geschonken. Wij bidden: laat ons de voorspraak ondervinden van haar door wie wij de Gever van het leven mochten ontvangen: Jezus Christus, uw Zoon, onze Heer. Die met U leeft en heerst … .

preek

Broeders en zusters, nog enkele uren en dan is er alweer een jaar voorbij: Een jaar met vervelende dagen, een paar nare weken misschien, een jaar met tranen van verdriet, grote en kleine zorgen, spanningen. En voor sommige mensen was het een jaar getekend door een afscheid. Of een jaar waarin weer niet is uitgekomen waarop wij zo gehoopt hadden. Kortom, een jaar met donkere kanten.

Maar ook een jaar wellicht met onverwachte blije dagen, ontroerende gebeurtenissen, ondervonden vriendschap, nieuw leven misschien. Of: eindelijk is er toch gebeurd waarop wij al zo lang hadden gehoopt. Ook een jaar dus met z’n blije en lichte kanten, een jaar waarin ons goed gedaan is, en wijzelf anderen goed hebben gedaan.

Wij vieren oud en nieuw. Dat wil zeggen, dat wij het oude jaar inwisselen voor het nieuwe. Maar eigenlijk kan dat niet. Wij kunt wel onze oude agenda wegleggen, een nieuwe kalender ophangen, maar het oude jaar nemen wij toch met ons mee. Wat wij in het afgelopen jaar hebben beleefd aan blije en moeilijke dingen, dragen wij met ons mee, en het nieuwe jaar zal getekend zijn door het oude. We vieren oud èn nieuw, niet oud òf nieuw.

Op alle niveaus van het leven is het trouwens van belang oud en nieuw met elkaar te verbinden, het nieuwe te laten groeien uit het oude.

Zo is er een oude – nog maar weinig gebruikte – wens: Gezegend Nieuwjaar! Die oude wens wil ik een nieuwe klank geven. ‘Zegenen’ is de vertaling van het Latijnse woord bene-dicere, en dat betekent letterlijk: iets goeds zeggen.

In de eerste lezing hoorden wij zojuist hoe Jahweh God tegen Mozes zei hoe Aäron en zijn zonen het volk behoorden te zegenen. Zij moesten zeggen: “Moge de Heer u zegenen en behoeden! Moge de Heer de glans van zijn gelaat over u spreiden en u genadig zijn! Moge de Heer zijn gelaat naar u keren en u vrede schenken!” En dan verzekert Jahweh God nog eens uitdrukkelijk dat als Aäron en zijn zonen de mensen zó zegenen, dat Jahweh God de mensen dan inderdaad zal zegenen. Iemand zegenen is dus eigenlijk iets goeds over iemand uitspreken.

Wanneer ik jullie vandaag een “Gezegend Nieuwjaar” toewens, gun ik jullie van harte dat allereerst God, maar ook andere mensen goede dingen over jullie en tegen jullie zullen zeggen, dat jullie gewaardeerd zullen worden, en dat jullie ook zelf God zullen eren en andere mensen bemoedigen en respecteren.

Ik van mijn kant dank alle mensen, die mij en de vrijwilligers in het voorbije jaar hebben bemoedigd en gewaardeerd op allerlei manieren. Ik dank allen, die voor mij persoonlijk en voor onze parochie een zegen waren. Moge met Gods hulp – geleerd van het oude – het nieuwe jaar ook voor jullie allen een jaar van zegen zijn.

Tot Maria bidden wij ook altijd met de woorden “gij zijt de gezegende onder de vrouwen”. Zij is de door God uitgekozen vrouw, die Moeder mocht worden van zijn Zoon. Van haar mogen wij werkelijk zeggen, dat zij de Moeder van God is. En toch is dat niet het grootste. De grootste eer, die God een mens kan geven is dat Hij die mens in zijn eeuwig leven opneemt, omdat die mens heeft liefgehad.

Zo bekeken zijn wij allemaal gezegend. Allen zijn wij door God uitgekozen om te delen in zijn eeuwige liefde.

Laten wij proberen in dit nieuwe jaar zo tegen al onze medemensen op te kijken: als mensen, die door God gezegend zijn, als mensen over wie God iets goeds heeft gezegd. Laten ook wij dan al onze medemensen positief benaderen. Een nieuw jaar, nieuwe kansen! Voor onszelf èn voor anderen!

Dionysiusparochie