Preek op 22-09-2013, de 25e zondag door het jaar C, diaken Eelke Ligthart

Preek op 22-09-2013, de 25e zondag door het jaar C, diaken Eelke Ligthart

openingswoord

Dierbare medegelovigen,
Het vijftiende hoofdstuk van het evangelie van Lucas bevat drie parabels die allemaal iets met verlies hebben te maken. Het verloren schaap, vorige week, de vrouw die een verloren geldstuk zoekt en het bekende verhaal van de verloren zoon. Het verlies van mensen en de ontdekking hoe God met mensen omgaat moet ons de ogen openen.
Vandaag opnieuw een parabel, een gelijkenis. Een verhaal over een rentmeester die het bezit van zijn Heer verkwistte. Sommige van die parabels uit het evangelie kunnen ons aardig tegen de haren instrijken. Wat doe je dan met zo’n verhaal? Aan de kant schuiven met de verontschuldiging: wij kunnen met zo’n tekst vandaag de dag geen kant meer uit? Dat is een mogelijkheid. We kunnen ook proberen extra attent te luisteren. Het zou best kunnen zijn, dat de teksten die ons wat onrustig maken en tegenstaan, de meeste consequenties hebben voor ons leven.

preek

Vandaag worden we met de neus op de feiten gedrukt. De onrechtvaardige rentmeester wordt ons tot voorbeeld gesteld. Hij is onverantwoord omgegaan met het bezit van zijn meester. Niet alleen heeft hij het verkwist, maar er is ook sprake van schuldenaars van de Heer die hij als rentmeester onrechtvaardig heeft behandeld. Het lijkt er op dat hij de goederen van zijn Heer heeft uitgeleend en daar flinke woekerrwinsten op wilde maken. En dat terwijl de Joodse wet niet toestond dat er uitgeleend werd tegen rente en dat er een scherp verbod lag op het maken van woekerwinsten. De goederen van het land, datgene wat de aarde voortbrengt, zijn er niet om anderen te knechten en afhankelijk te maken. Olie en tarwe zijn er voor het leven van de mensen, niet om de ander klein te krijgen en afhankelijk te maken van de heersers.
Hoe diep zijn we afgedwaald in 2013 als het gaat om het bezit en de macht over grondstoffen.
De rentmeester herinnert zich dit op het kritieke moment, als hij rekenschap moet geven van zijn beheer. Hij probeert dan de verhoudingen enigszins recht te zetten. Niet dat hij ineens tot bekering is gekomen, nee, het is pure berekening om zijn eigen toekomst veilig te stellen.
Jezus prijst juist die man, dat hij met overleg te werk is gegaan. Als iemand om zijn eigen hachje veilig te stellen al zo te werk gaat, hoeveel te meer zouden dan de volgelingen van Jezus, ook wij, met overleg te werk moeten gaan.

Bij de volgelingen van Jezus komt er meer kijken dan alleen de eigen toekomst en het eigen leven. Het hele evangelie laat steeds weer zien dat het om meer gaat dan het eigen hier en nu. Het gaat om meer dan behoeften die we direct kunnen bevredigen. Op allerlei manieren wordt ons duidelijk gemaakt dat het er om gaat dat Gods koninkrijk kan doorbreken. Gods koninkrijk. Hoe gemakkelijk denken we niet aan een plaats waar we ooit in de toekomst heen zullen gaan, het hiernamaals, als zijnde dat is het Koninkrijk van God. Toch kunnen wij weten, door de talloze keren dat wij de boodschap van Jezus horen, dat het niet gaat om een plaats in het hiernamaals, een plek in de hemel. Het koninkrijk van God is een gebeuren dat al in onze dagen staat te gebeuren en al gebeurt. Het heeft er mee te maken wat er onder mensen gebeurt, wat er groeit onder mensen aan vrede, gerechtigheid. Je kunt er iets van proeven als mensen werkelijk trouw zijn aan elkaar, onder welke omstandigheden dan ook. Aan de liefde die groeit over de grenzen van berekening heen. Aan de mate waarin mensen en volken zich met elkaar verzoenen en elkaar weten te vergeven.
In de gelijkenis van vandaag spoort Jezus ons aan om voor een nieuwe manier van handelen warm te lopen. Leer van die onrechtvaardige rentmeester om met overleg en zorg te werk te gaan, waar het gaat om de toekomst. Niet in afwachting van: laat maar komen zoals het komt, maar onder de aansporing van God het te wagen, om te werken, hier en nu, aan Zijn Koninkrijk om dat waar te maken.

De volgende gedachte houdt mij wel eens bezig:
Jezus kan nog zulke mooie verhalen vertellen, God kan nog zoveel willen aan rechtvaardigheid, aan liefde en vrede onder de mensen, maar als er geen of weinig arbeiders zijn in zijn wijngaard die door hebben wat Hij bedoelt, als er geen mensen zijn die daarvoor warm lopen, geen mensen die er mee aan de slag gaan, als dat er allemaal niet is, dan gebeurt er in feite niets!

Er is een prachtig verhaal over Rabbi Mendel. Op een dag kreeg hij bezoek van een leerling. “Meester”, zei deze, “mag ik u een vraag stellen”? “Vraag maar”, antwoorde de Rabbi. “Meester”, zei de leerling toen, “God is volmaakt en een en al goed, Hij heeft de wereld in zes dagen geschapen. Hoe kan het dan dat de wereld is zoals ze is, verre van volmaakt en goed”? Zou jij het anders doen”? vroeg de Rabbi aan zijn leerling. Deze keek wat verward en zei toen:”Ja, ik denk het wel”. “Zou jij het anders doen”! viel de Rabbi uit. “Man, waar wacht je dan nog op? Je hebt geen tijd te verliezen, voorruit aan het werk”!

Waar vrede en vreugde geen droom meer zijn, daar komt Gods Koninkrijk onder ons. AMEN.

Dionysiusparochie