Ter voorbereiding van de viering van de zondag

Ter voorbereiding van de viering van de zondag

Uit de geschriften van de priester Odo Casel († 1948)

Maria, de nieuwe Eva

Tevergeefs zocht Gods wijsheid een plaats om te rusten. ‘Overal zocht ik rust’, spreekt zij door Jezus Sirach (24, 11 – Vulg.). Tenslotte bereidde God in zijn liefde en genade een woning in een uitverkoren heiligdom. Hij schiep Maria, de nieuwe Eva.

Maria was in zekere zin in eigen persoon het verlangen dat de mensheid koesterde naar God. De gezegende onder alle vrouwen (vgl. Lc. 1, 28), een waarachtige vrouw, vervuld van louter deemoed en overgave. Zij is een leegte die vervuld wil zijn en zichzelf volledig inzet om voor het hogere te leven.

Maria wordt zalig geprezen als het vat van de goddelijke wijsheid; zij is met de woorden van de litanie ‘de zetel van de wijsheid’, een wijsheid die uit genade geschonken werd. Zij is de verstandige, zuivere Maagd die slechts ontvankelijk is voor het goddelijke, maar afstandelijk staat tegenover het aardse; haar leven is bestemd voor God, volmaakt zuiver, zonder vlek of smet; door Gods gunst en door het bloed van haar Zoon werd zij gevrijwaard van elk kwaad.

Maria is dan ook de bruid van God. Zij draagt niet de trekken van deze wereld, van deze aarde of van deze natuur; zij is dienstvaardig in haar ontvankelijkheid voor het heilige en goddelijke. Zij is volmaakt zuiver; zij is dat niet in de zin van een kille zuiverheid, maar juist vervuld door brandende liefde. Door de liefde wordt zij tot een maagdelijke bruid.

In Maria is de hele mensheid weer de bruid van God geworden. Het Israël dat ontrouw werd en de Heer in de steek liet, is in Maria teruggekeerd tot de Heer, zoals geschreven staat: ‘Keer terug, maagd Israël!’ (Jer. 31, 21). En ook: ‘Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon ter wereld brengen en men zal hem de naam Emmanuël geven: God met ons!’ (Mt. 1, 23). Door de geboorte uit de Maagd is God weer met ons verenigd.

De onvoorwaardelijke overgave aan God maakt Maria als bruid tot de woning van de heilige Geest, tot de woning van God. God zelf neemt uit haar het vlees aan. Zij wordt moeder van God. Zij is geen aardse moeder, geen moeder uit de wil van het vlees, maar een moeder uit Gods wil. ‘De heilige Geest zal over u komen; daarom ook zal wat ter wereld wordt gebracht, heilig genoemd worden, Zoon van God’ (Lc. 1, 35). ‘Zie, gij zult zwanger worden en een zoon ter wereld brengen die gij de naam Jezus moet geven’ (Lc. 1, 31).

De heilige Maagd is een heilige moeder door de Geest. Haar deemoed is bekroond, haar armoede is tot goddelijke rijkdom geworden en haar leegte tot volheid. Haar volheid is echter God zelf. ‘Eenvoudigen brengt Hij tot aanzien; behoeftigen schenkt Hij overvloed’ (Lc. 1, 52). De engel begroet haar met de woorden: ‘De Heer is met u’ (Lc. 1, 28). Haar zoon heet ‘Jezus’, wat betekent: ‘Verlosser’. Maria heeft in haar deemoed en liefde aan de wereld de Verlosser geschonken. Zij is de moeder van de Verlosser en daardoor moeder van alle verlosten, moeder van het nieuwe Israël. Daarom jubelt zij uit: ‘Hij trekt zich zijn dienaar Israël aan, zijn milde erbarming indachtig’ (Lc. 1, 54). In haar zijn de beloften van God tot vervulling gekomen: ‘Zoals Hij de vaderen heeft beloofd, voor Abraham en zijn geslacht voor altijd’ (Lc. 1, 55).

De nieuwe Eva heeft door haar deemoed en gehoorzaamheid aan de wereld het leven geschonken. Door u, Moeder van God, is het verloren leven ons teruggeschonken: gij hebt uit de hemel een kind ontvangen en aan de wereld de Verlosser geschonken. Maagd in de kracht van de heilige Geest – moeder in de kracht van de heilige Geest: dat zijn de twee eretitels voor de maagd Maria. Zij duiden op de meest verheven vervulling van de schepping: het schepsel is geroepen om God in liefde aan te hangen en zelf God opnieuw ter wereld te brengen. Daarom zingen wij: in Maria ‘hebt Gij uw land gezegend’ (Ps. 85 (84), 2 – Vulg.).

Onbevlekte maagd Maria, door u is het verloren leven ons teruggegeven: gij hebt uit de hemel een kind ontvangen en aan de wereld de Verlosser geschonken.

De poort van het paradijs werd door Eva voor allen gesloten en door u weer geopend.

Gij hebt uit de hemel een kind ontvangen en aan de wereld de Verlosser geschonken.