Ter voorbereiding van de viering van de zaterdag

Ter voorbereiding van de viering van de zaterdag

Uit de geschriften van de heilige Jan Berchmans († 1621)

Gij zijt vol van genade: de Heer is met u

‘Wees gegroet, Maria.’ Met de engel vereer ik de volheid van genade die God in u heeft gelegd. Verwonderd beschouw ik uw verstand, verlicht door het levendigste geloof; uw geheugen, geheel vervuld van de herinnering aan Gods weldaden; uw hart, verteerd door liefdevlammen. Uw ogen waren altijd eenvoudig als de ogen van een duif, uw oren aandachtig voor de stem van de Heer; uw tong kende slechts wijze gesprekken, uw handen verrichtten slechts goede werken, uw voeten liepen steeds op de wegen van God; kortom, Gods Geest heerste over al uw vermogens en al uw zintuigen.

Hoe uiterst arm voel ik mijzelf bij zulke rijkdommen! Maar deze armoede moet ik alleen aan mijzelf verwijten: God overstelpt mij met genaden en ik weiger ze of trek er maar weinig voordeel uit.

Hoop niettemin door de tussenkomst van Maria te verkrijgen dat God, ondanks je ongetrouwheden, de maat volmaakt van de genade die Hij voor je bestemt, en je meer vruchten laat voortbrengen dan je verloren hebt laten gaan.

Bedank de Heer dat Hij Maria gemaakt heeft tot een vat vol genade waaruit alle mensen overvloedig kunnen putten.

Genadevolle, laat op mij een druppel vallen van die goddelijke dauw die u heeft overstroomd, en de levenskracht van mijn ziel zal erdoor worden vernieuwd.

‘Wees gegroet, Maria.’ Met de engel wens ik u geluk om de innige vereniging die God met u is aangegaan; Hij heeft zich verenigd met uw allerzuiverste lichaam dat Hij tot het zijne heeft gemaakt door mens te worden in uw schoot; met uw verstand dat Hij heeft vervuld met zijn licht; met uw wil die nooit van zijn wil is afgeweken.

Maar jij, mijn ziel, betreur je ongeluk, want de Heer is niet altijd met je geweest. Heeft de zonde je niet van Hem gescheiden? Hij is nog niet altijd met je, want je vergeet zijn tegenwoordigheid en doet niet alles om Hem te behagen.

Hoop evenwel, hoop dat de gelukzalige Maagd die zo dicht bij God is, door haar gebeden een heel innige vereniging voor je mag verkrijgen.

Zeg haar dank, deze gezegende Maagd, dat zij ons de Heer nabij heeft gebracht, toen onze misdaden ons zo ver van Hem hadden verwijderd.

Vraag haar tenslotte je met God te verenigen door de banden van de heilige liefde en door een volmaakte gelijkvormigheid aan zijn heilige wil.