Ter voorbereiding van de viering van de maandag

Ter voorbereiding van de viering van de maandag

Uit het boek ‘De Heer’ van de priester Romano Guardini († 1968)

Het geloof

Romano Guardini

Geloven betekent inzien dat Christus de waarheid is en het daarmee wagen. Hij is niet slechts een leraar – al zou het ook de grootste zijn – die, evenals alle andere leraren, kan worden onderworpen aan de maatstaven der waarheid, neen, Hij is de waarheid (vgl. Joh. 14, 6). De waarheid van de heilige werkelijkheid begint met Hem. Wanneer Hij kon worden tenietgedaan, dan zou het niet zo zijn dat de waarheid die Hij geleerd heeft, bleef bestaan, maar dat haar eerste verkondiger en zuiverste vertegenwoordiger verdwenen was, neen, de waarheid zelf zou er niet meer zijn. Hijzelf is de levende waarheid; geloven is daarom Hem als zodanig beschouwen en zijn leerschool volgen.

Zou men nu wel op de goede, juiste wijze geloven, wanneer men verklaarde en eraan vasthield dat hetgeen Hij gezegd heeft, waar is? Dat zou niet meer dan een begin zijn. Geloven betekent met onze gedachten, met ons hart, met ons gevoel voor juist of onjuist, met alles wat ons menselijk leven omvat, Christus’ leerschool volgen. Laat ons niet vergeten dat het gehele schip verkeerd vaart. Daarom helpt het ons niets, wanneer wij op het schip van rechts naar links lopen of wanneer wij een bepaald apparaat door een ander vervangen; het gehele schip moet een andere koers volgen. Geloven is dus een gebeurtenis, een onderrichting, een hervorming, waardoor onze ogen opnieuw worden geschapen, onze gedachten anders worden gericht, onze maatstaven zelf opnieuw geijkt worden.

Wat betekent het immers, dat ik besta? In het geloof wordt mij gezegd, dat ik geschapen ben. Dat ik mijzelf voordurend, telkens weer van God ontvang en op deze wijze verkeer in de mysterieuze toestand van werkelijk te zijn en van toch geheel en al door Hem te zijn; vrij en toch met iedere vezel levend uit Gods kracht.

Wat betekent het: te moeten sterven? Het geloof antwoordt: de dood is het gevolg van de zonde en gij zijt een zondaar. De dood reikt even ver als de zonde. Eens zullen ook voor u de consequenties worden getrokken uit de zonde en uit het overgeleverd zijn aan de dood. Dan zal u duidelijk worden hoezeer gij zondaar zijt en hoe gij geheel door uw zonde stervend zijt. Dan helpt u geen van de zekerheden, waarmee gij dit voor uzelf verborgen hebt; gij moet het doormaken en gij zult geoordeeld worden. Het geloof voegt hier echter aan toe dat God liefde is, ook wanneer Hij toelaat dat de zonde zich in de dood voltooit, en dat de Rechter dezelfde is als de Verlosser.

Wat zich intussen afspeelt tussen geboorte en dood, de gebeurtenissen en de daden, alles wat onze dagen vult, wat is dat? Sommigen zeggen: het is de noodzakelijkheid der natuur. Anderen noemen het historische ontwikkeling. Wéér anderen hebben nog een andere theorie. Doch het geloof zegt: het is de Voorzienigheid. De God die u geschapen heeft, de God die u eens zal opnemen in zijn licht, Hij bestuurt uw bestaan. Al wat daarin gebeurt, is boodschap, eis, beproeving en hulp, die van Hem komen.