26e week door het jaar 1, dinsdag

26e week door het jaar 1, dinsdag

303 eerste lezing: Zach. 8, 20-23

Vele volken zullen komen om in Jeruzalem de Heer te zoeken.

Uit de Profeet Zacharias.

Zo spreekt de Heer van de hemelse machten:
“Eens zullen volken komen en inwoners van vele steden
en de inwoners van de ene stad zullen gaan
naar die van de andere en zij zullen zeggen:
Laat ons de genade van de Heer gaan afsmeken
en laat ons de Heer van de hemelse machten gaan zoeken;
ook ik ga mee.
Dan zullen vele volken en machtige naties komen
om in Jeruzalem de Heer van de hemelse machten te zoeken
en zijn genade af te smeken.”
Zo spreekt de Heer van de hemelse machten:
“In die dagen zullen dan mannen,
afkomstig uit volken van allerlei talen,
één Joodse man bij de slip van zijn kleed vastgrijpen
en tot hem zeggen:
Met u willen wij meegaan,
want wij hebben gehoord, dat God met u is.”
Woord van de Heer.
Wij danken God.

tussenzang: Ps. 87 (86), 1-3, 4-5, 6-7

Refrein:
God is met ons (Zach. 8, 23).

Zijn stad op de heilige bergen:
de Heer heeft haar lief;
de poorten van Sion veel meer
dan alle tenten van Jakob.
Hoe groots is het wat er van u wordt voorzegd,
Jeruzalem, stad van God!

Eens worden Egypte en Babel geteld
tot hen die de Heer vereren.
Ja, Filistijnen en Tyrus en Koes,
ook zij worden burgers van Sion.
Zij zullen dan zeggen: mijn moeder is zij,
uit haar zijn wij allen geboren.

En Hij zal het zelf verklaren,
de Allerhoogste, de Heer;
Hij zal in het boek der volkeren schrijven:
ook dezen horen daar thuis.
Dan zullen zij dansen en zingen:
de bron van ons leven zijt gij!

vers voor het evangelie: Fil. 2, 15-16

Alleluia.
Schittert als sterren in het heelal,
en houdt vast het woord des levens.
Alleluia.

304 evangelie (Lc. 9, 51-56)

Jezus aanvaardde vastberaden de reis naar Jeruzalem.

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas.
Lof zij U, Christus.

Toen de dagen van zijn verheffing
hun vervulling tegemoet gingen,
aanvaardde Jezus vastberaden de reis naar Jeruzalem
en zond boden voor zich uit.
Dezen kwamen op hun tocht in een Samaritaans dorp
om er zijn verblijf voor te bereiden.
Maar de Samaritanen ontvingen Hem niet,
omdat Jeruzalem het doel van zijn reis was.
Toen de leerlingen Jakobus en Johannes dit gewaar werden
vroegen ze:
“Heer, wilt Gij dat wij vuur van de hemel afroepen
om hen te verdelgen?”
Maar Hij keerde zich om en wees hen op strenge toon terecht.
Daarop vertrokken zij naar een ander dorp.
Woord van de Heer.
Wij danken God.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments
0
Would love your thoughts, please comment.x
()
x