12e zondag door het jaar B

12e zondag door het jaar B

eerste lezing (Job 38, 1.8-11)

Uit het boek Job.
In die tijd begon de Heer, in storm en wind
tot Job te spreken:
“Waar was je
toen de zee haar poorten beukte,
onstuimig los wilde breken uit de moederschoot;
toen Ik haar kleedde in wolken
en hulde in windels van wolkenslierten;
toen Ik haar paal en perk stelde,
de poort vergrendelde en zei:
Tot hier en niet verder,
hier breken uw trotse golven?”
Woord van de Heer.
Wij danken God.

tussenzang (Ps.107/106)

Refrein:
Brengt dank aan de Heer, want Hij is goedgunstig, barmhartig is Hij altijd.

Zij scheepten zich in om de zee op te gaan,
om handel te drijven over het water.
Zij ondervonden de macht van de Heer,
zijn grootheid boven de kolkende afgrond.

Hij sprak en er gierde een stormwind aan,
die zweepte de golven op;
Ze rezen omhoog en zonken weer neer,
ze waren verlamd van ontzetting.

Toen riepen zij tot de Heer in hun nood
en Hij bevrijdde hen uit hun ellende.
Hij deed de storm tot een briesje bedaren
en bracht de golven tot rust.

Hij gaf hen kalmte en nieuwe moed
en bracht hen in veilige haven.
Zij moeten de Heer voor zijn goedheid danken,
voor al zijn weldaden jegens de mensen.

tweede lezing (2 Kor. 5, 14-17)

Uit de tweede brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen
van Korinte.
Broeders en zusters,
de liefde van Christus laat ons geen rust
sinds wij hebben ingezien, dat Een is gestorven voor allen.
Maar dan zijn allen gestorven!
En Hij is voor allen gestorven,
opdat zij die leven niet meer voor zichzelf zouden leven,
maar voor Hem, die ter wille van hen is gestorven en verrezen.
Daarom beoordelen wij voortaan niemand meer
naar de oude maatstaven.
En al hebben wij Christus ooit op zulke wijze beoordeeld,
dan nu toch niet meer.
Zo is dus wie in Christus is een nieuwe schepping:
het oude is voorbij, het nieuwe is al gekomen.
Woord van de Heer.
Wij danken God.

vers voor het evangelie (cf. Hand. 16, 14b)

Alleluia.
Maak ons hart ontvankelijk, Heer,
opdat wij de woorden van uw Zoon zouden begrijpen.
Alleluia.

evangelie (Mc. 4, 35-41)

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus.
Lof zij U, Christus.

Op een dag, tegen het vallen van de avond,
sprak Jezus tot zijn leerlingen:
“Laten we oversteken.”
Zij stuurden het volk weg
en namen Hem mee, zoals Hij daar in de boot zat; andere boten begeleidden Hem.
Er stak een hevige storm op
en de golven sloegen over de boot, zodat hij al vol liep.
Intussen lag Hij aan de achtersteven op het kussen te slapen.
Ze maakten Hem wakker en zeiden Hem:
“Meester, raakt het U niet dat wij vergaan?”
Hij stond op,
richtte zich met dwingend woord tot de wind
en sprak tot het water:
“Zwijg stil!”
De wind ging liggen en het werd volmaakt stil.
Hij sprak tot hen:
“Waarom zijt gij zo bang?
Hoe is het mogelijk dat ge nog geen geloof bezit?”
Zij werden door een grote vrees bevangen en vroegen elkaar:
“Wie is Hij toch, dat zelfs wind en water Hem gehoorzamen?”
Woord van de Heer.
Wij danken God.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments
0
Would love your thoughts, please comment.x
()
x