Preek op 25-12-2025, Eerste Kerstdag, jaar A, pastoor Frank domen

Preek op 25-12-2025, Eerste Kerstdag, jaar A, pastoor Frank domen

Openingswoord

Goedemorgen allemaal, welkom op deze Eerste Kerstdag. Gisteravond en vannacht klonk het geheim van Kerst al, maar vandaag mogen we het rustig laten landen. We zijn hier samen om iets te vieren, dat bijna te groot is voor woorden: dat God niet ver weg is gebleven, veilig hoog in de hemel, maar zelf ons leven is binnengekomen. Hij werd mens, één van ons.

God koos ervoor om het leven te delen zoals wij het kennen: met momenten van vreugde en verbondenheid, maar ook met onzekerheid, angst, zorgen, pijn en zelfs de dood. Niet om het leven mooier voor te doen dan het is, maar om ons te laten zien: je staat er niet alleen voor.

Kerst zegt ons vandaag: dit leven mag geleefd worden met dankbaarheid, met moed en met vertrouwen. God gaat met ons mee, elke dag opnieuw. En Hij opent voor ons een toekomst, die groter is dan dit moment. Laten we dat vandaag samen vieren.

Openingsgebed

Laat ons bidden. Heer onze God, niemand heeft U ooit gezien. In uw Zoon Jezus zijt Gij ons nabij gekomen; Hij is uw licht in onze duisternis, ons heil en onze vrede. Open ons hart om van deze vreugde mee te delen aan ieder mens van goede wil. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon … Amen.

Er is nu géén TienerWoordDienst … wél KinderWoordDienst, en PeuterWoordFeest

Preek

Misschien voelen wij het vandaag anders dan gisteravond. Kerstnacht is donker en stil, met kaarsen en verwondering. Eerste Kerstdag is lichter. Het daglicht valt naar binnen. Alsof Kerst ons zegt: dit is geen momentje voor één nacht, dit is iets wat wij mee mogen nemen ons leven in. Vandaag gaat het niet alleen over dat Jezus is geboren, maar ook over wat dat betekent: God is mens geworden. Echt mens. Met alles erop en eraan.

En laten we eerlijk zijn: mens-zijn is soms best ingewikkeld. Wij leven in een tijd waarin veel mensen zich zorgen maken. Over oorlogen, die maar blijven doorgaan. Over polarisatie, harde woorden, sociale media waar iedereen elkaar lijkt te bevechten. Over klimaat, wonen, geld, toekomst. En misschien ook over ons eigen leven: lukt het ons wel, horen wij erbij, wat als het anders loopt dan we hadden gedacht? Het kan voelen alsof we voortdurend “aan” moeten staan. Alsof we altijd sterk moeten zijn, terwijl we dat soms helemaal niet zijn.

In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God. Deze was in het begin bij God. Alles is door Hem geworden en zonder Hem is niets geworden.

Juist daar, precies daar, zegt Kerst iets ongelooflijks. Het evangelie van vandaag begint niet met een stal of een kribbe, maar met grote woorden: “In het begin was het Woord.” Dat klinkt misschien ver weg, bijna te hoog gegrepen. Maar Johannes bedoelt iets heel concreets: God heeft zich uitgesproken. God is niet stil gebleven. Hij is geen vaag idee, geen kracht ergens op afstand. Hij is dichtbij gekomen. Zo dichtbij, dat Hij een mens werd.

En dan komt die ene zin, die alles verandert: “Het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond.” Dat is het hart van Kerst. God is geen voorbijgaande bezoeker gebleven. Hij is niet even langsgekomen om te kijken hoe het met ons gaat. Hij is komen wonen. Hij is ons leven binnengegaan. Met alles wat daarbij hoort: vriendschap en lachen, maar ook pijn, angst, onzekerheid en zelfs de dood.

Dat betekent dit: wat wij meemaken, kent God van binnenuit. Hij weet hoe het voelt om niet begrepen te worden. Om afgewezen te worden. Om moe te zijn. Om bang te zijn voor wat komt. God is geen toeschouwer van ons leven. Hij is een medereiziger.

De eerste lezing uit Jesaja gebruikt een prachtig beeld: “Hoe liefelijk op de bergen zijn de voeten van de bode, die vrede verkondigt.” Dat is geen mooi plaatje voor in een lijst. Dat is iemand, die onderweg is. Iemand die stappen zet, die afstanden overbrugt om goed nieuws te brengen. God stuurt geen berichtje van veraf. Geen WhatsAppje van de andere kant van de wereld. Hij komt zelf. En zijn boodschap is: “Uw God regeert.” Dat betekent niet: alles wordt gecontroleerd. Hij is geen ‘Big Brother’.Het betekent: het kwaad heeft niet het laatste woord. Angst heeft niet het laatste woord. De chaos van deze wereld is niet sterker dan Gods liefde.

En dan luisteren wij naar de tweede lezing. Daar staat iets dat bijna niet te bevatten is: Jezus is “de afstraling van Gods heerlijkheid en het evenbeeld van zijn wezen.” Met andere woorden: als wij willen weten wie God is, kijken we naar Jezus. Naar hoe Hij met mensen omgaat. Naar hoe Hij liefheeft. Naar hoe Hij vergeeft. Naar hoe Hij rechtop blijft staan in een wereld vol onrecht. In Hem zien wij Gods Hart kloppen.

En dat heeft gevolgen voor ons. Johannes zegt: wie Hem aanneemt, krijgt het vermogen zelf ook – door het heilig Doopsel – kind van God te worden. Dat is geen vage religieuze titel, geen digitale vermelding in hert gemeente-archief. Het is een verandering in ons diepste wezen. Zoals je man of vrouw bent, zo ben je kind van God.

Dat betekent: wij mogen leven vanuit vertrouwen. Wij hoeven onszelf niet voortdurend te bewijzen. Wij hoeven onze waarde niet bij elkaar te vechten. Wij mogen bestaan, simpelweg, omdat wij geliefd zijn.

Dat is ook waarom de Kerk zo belangrijk is. Niet omdat alles er perfect is – dat is het zeker niet. Maar omdat dit verhaal daar levend blijft. De Kerk is die plek waar hemel en aarde elkaar raken. Waar wij samenkomen rond Jezus, die mens werd om mensen op te richten. Waar wij mogen binnenkomen met onze vragen, onze twijfels, onze hoop en ons verlangen. Wij hoeven niet eerst “goed genoeg” te zijn. Wij zijn welkom zoals we nu zijn.

En misschien denken wij: ja, het klinkt mooi, maar wat verandert dit morgen, als wij weer in de gewone wereld staan? Nou, Kerst belooft inderdaad niet, dat na vandaag alles ineens makkelijk wordt. Kerst belooft wel, dat wij er niet alleen voor staan. Dat er licht is, zelfs als het donker blijft. Dat er richting is, ook als wij het overzicht kwijt zijn.

God is mens geworden om ons te laten zien: het leven is de moeite waard. Ondanks alles. Met alles. Hij zegt niet: vlucht uit deze wereld. Hij zegt: leef erin. Met liefde, met moed, met hoop. Wees licht voor elkaar. Wees zelf een bode van goed nieuws, zoals de profeet Jesaja zegt. Soms in grote keuzes, maar vaak juist in kleine: een luisterend oor, een vriendelijk woord, een stap richting verzoening, een keuze voor eerlijkheid.

Eerste Kerstdag nodigt ons uit om niet te blijven staan bij de ontroering van de heilige Kerstnacht, maar om te bewegen. We denken toch niet, dat de herders na hun bezoek aan de stal meteen naar huis gingen, nee, zij klopten waarschijnlijk aan alle deuren aan om te melden, dat de lang geleden beloofde Verlosser eindelijk was geboren. “Ga maar kijken in onze stal!”

Zo mogen/moeten ook wij dit mysterie meenemen naar ons dagelijks leven. Naar school en studie, naar werk en vriendschappen, naar ons gezin, naar alles wat ons bezighoudt. Om te leven als mensen, die weten: God is dichtbij gekomen, en Hij gaat met ons mee.

Laten wij straks naar huis gaan met dit besef: ons leven doet ertoe. Ons verhaal is God niet te klein. Hij is erin gekomen. En dat maakt alles anders. Er is toekomst. Er is zin. Er is licht. En dat licht dragen wij mee, vandaag en alle dagen. Zalig Kerstmis. Amen.

Slotwoord

Het was Eerste Kerstdag en Sam stond in de keuken koffie te zetten. Buiten regende het zacht. Geen sneeuw, geen magie. Gewoon een gewone ochtend. Zijn telefoon trilde: appjes, meningen, nieuwsberichten. Hij zuchtte en legde het toestel weg.

Zijn oma zat aan tafel, in een dikke trui. Ze keek hem aan en zei: “Weet je wat Kerst eigenlijk betekent?” Sam haalde zijn schouders op. “Dat God geboren werd, toch?” Ze glimlachte. “Ja. Maar vooral: dat God besloot om het leven te leven zoals wij het leven.”

Later die dag liep Sam met de hond door de wijk. Bij het flatgebouw hielp hij een buurvrouw met zware tassen. Ze bedankte hem, zichtbaar opgelucht. Even later maakte hij een praatje met een eenzame man op een bankje. Kleine dingen. Niets bijzonders.

’s Avonds dacht Sam aan de woorden van zijn oma. Misschien zat Kerst niet in grote gevoelens of perfecte momenten. Misschien zat het juist hier: in aandacht, nabijheid, tijd nemen voor elkaar.

God was geen idee gebleven, besefte hij. God had handen en voeten gekregen. Een stem. Een hart. En misschien, heel even, mocht Sam dat ook zijn.

Hij keek naar buiten, naar de natte straat. En voelde iets warms vanbinnen. Dat was genoeg.

Ik wens jullie mooie kerstdagen. Ik zou sommige mensen willen vragen: Kom eens vaker naar de kerk. God is hier altijd. Alle dagen van het jaar. Wij zijn hier altijd. Misschien kunnen we samen wat opbouwen.

Fijne dagen! En alvast Gods Zegen voor het nieuwe jaar 2026!