Preek op 24-12-2025, Kerstavond, jaar A, Pastoor Frank Domen
Openingswoord
Welkom allemaal, fijn dat jullie hier zijn, op deze avond van Kerstmis. Het is geen avond als alle andere. We zijn hier samen om één van de grootste geheimen van ons geloof te vieren: dat God niet op veilige afstand is gebleven, hoog in de hemel, maar naar ons toe is gekomen. Hij werd mens. Eentje van ons.
Niet als superheld, niet met macht en lawaai, niet met pracht en praal, maar kwetsbaar, klein, afhankelijk. God wilde weten hoe het is om mens te zijn: om te lachen en te genieten, maar ook om bang te zijn, pijn te hebben, verdriet te kennen, ziek te worden en zelfs te sterven. Hij wilde ons leven delen, echt delen.
Dat betekent: wij staan er niet alleen voor. In alles wat het leven ons brengt – mooie momenten én moeilijke – gaat God met ons mee. Kerst vertelt ons, dat er hoop is, dat we met vertrouwen mogen leven, en dat deze weg uiteindelijk uitloopt op nieuw leven. Laten we dat vanavond samen vieren.
Openingsgebed
Laat ons bidden. Heer onze God, niemand heeft U ooit gezien. In Jezus uw Zoon zijt Gij ons nabij gekomen; Hij is uw licht in de duisternis, ons heil en onze vrede. Open ons hart om van deze vreugde mee te delen aan ieder mens van goede wil. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon … Amen.
Preek
Laten we eerlijk zijn: het leven voelt voor veel mensen soms best wel donker. Als je naar het nieuws kijkt, lijkt het soms één lange stroom van ellende. Oorlog, geweld, haat, klimaatstress, woningnood, onzekerheid over geld, studie, werk, relaties. En daarbovenop onze eigen zorgen: wie ben ik, waar ga ik heen, doe ik ertoe? Soms voelt het alsof we in precies dat landschap leven waar de profeet Jesaja in de eerste Bijbellezing over spreekt: “het volk dat wandelde in het donker.” Dat zijn wij. Vandaag. Nu.
En juist daarom is Kerst zo ongelofelijk sterk. Want God kijkt niet van bovenaf toe en zegt: “Succes ermee!” Nee. God komt naar beneden. Midden in dat donker. Niet groots en spectaculair, maar klein. Kwetsbaar. Als een kind. “Een kind is ons geboren.” Dat is geen zoete kerstzin, dat is een statement. God zegt: Ik kom niet om te overheersen, maar om dichtbij te zijn.

Kijken we eens naar het evangelie. Maria en Jozef. Geen influencers, geen helden. Gewoon twee jonge mensen, onderweg, moe, onzeker. Geen plek in het ‘hotel’. Serieus: God komt in de door Hemzelf geschapen wereld en … er is geen plek voor Hem. Dat zegt eigenlijk alles over hoe deze wereld in elkaar zit. En toch … precies dáár begint het. In een stal. In een kribbe. Op een plek waar je het niet verwacht.
Misschien herkennen we dat wel. Dat gevoel dat er ook voor jou soms geen plek lijkt te zijn. Dat je niet meetelt, niet gezien wordt, niet serieus genomen. Kerst zegt: juist dáár wil God zijn. Niet pas als alles klopt, maar midden in de rommel van het leven.
En wie krijgen het als eersten te horen? Niet de machthebbers. Niet de keizer. Niet de religieuze top. Maar herders. Nachtwerkers. Mensen, die aan de rand van de maatschappij staan. En tegen hen zegt de engel: “Wees niet bang.” Dat is altijd het eerste wat God zegt als Hij dichtbij komt: wees niet bang. Alsof Hij weet: angst verlamt ons. Angst maakt klein. Angst sluit ons op in onszelf.
Maar Kerst is het tegenovergestelde van angst. Kerst is: grote vreugde. Voor heel het volk. Niet alleen voor brave mensen. Niet alleen voor wie alles op orde heeft. Voor iedereen. Ook voor jou. Ook als je twijfelt. Ook als je worstelt. Ook als je niet zeker weet wat je met geloof moet.
En dan die tweede lezing. Paulus zegt: “De genade van God is verschenen.” Dat betekent, dat God niet alleen troost, maar ook richting geeft. Hij wil ons niet laten vastzitten in alles wat ons kapotmaakt: cynisme, egoïsme, onverschilligheid, het idee dat alles om onszelf draait. God zegt: er is een andere manier van leven mogelijk. Met meer vrijheid. Meer liefde. Meer toekomst.
Kerst zegt niet: doe alsof alles leuk is. Kerst zegt: het licht is sterker dan het donker. Punt. Dat donker verdwijnt natuurlijk niet meteen. Maar het heeft niet meer het laatste woord. Dat licht heet Jezus. Hij is geen theorie. Geen idee. Hij is een mens van vlees en bloed. Iemand, die weet wat het is om afgewezen te worden. Om pijn te hebben. Om te lijden. Om te sterven. En juist daarom kan Hij ons leven van binnenuit dragen.
En weet je wat misschien wel het mooiste is? Dit kind in de kribbe groeit op. Hij blijft niet liggen in dat mooie kerstplaatje. Hij gaat mensen opzoeken, raakt hen aan, spreekt woorden van hoop, tilt mensen op, die zijn afgeschreven. Hij laat zien wie God werkelijk is: geen verre controleur, maar een Vader, die mensen nieuw leven gunt.
Paulus zegt: leef nu anders. Hier. Vandaag. Kerst wil iets veranderen in hoe wij in het leven staan. Met meer moed. Meer vertrouwen. Meer openheid. Meer bereidheid om zelf goed te doen, ook als dat niet meteen iets oplevert. Kleine daden. Kleine stappen. Maar ze maken verschil. Net als al die mensen, die allemaal iets brengen voor de actie ‘Spieren voor spieren’ van Serious Request. Vasnmorgen stond de teller al op €12.288.653,-
En dan de Kerk. Ja, de Kerk. Met al haar kwetsbaarheid, al haar menselijkheid. Toch is zij de plek waar dit verhaal levend blijft. Waar hemel en aarde elkaar raken. Waar we samenkomen rond dat Kind, dat later uit liefde zijn leven geeft. De Kerk is geen museum voor perfecte mensen, maar een plek voor mensen onderweg. Mensen, die hoop zoeken. Mensen die verlangen naar zin en richting.
Vanavond mogen we hier even op adem komen. Even niet alleen zijn. Even herinnerd worden aan wie we zijn: mensen die geliefd zijn. Mensen voor wie God is gekomen. Mensen die geroepen zijn om zelf licht te zijn, juist in een donkere wereld.
Ga straks naar huis met dat gevoel: ik sta er niet alleen voor. Er is licht. Er is hoop. Er is toekomst. En dat begint hier. Vannacht. Bij een Kind in een kribbe.
Eer aan God in den hoge. En vrede op aarde. Ook in jouw hart. Zalig Kerstmis!
Slotwoord
Lieve mensen, het was al laat toen Noor haar fiets tegen het hek van het station zette. Kerstavond. Overal lichtjes, maar in haar hoofd was het stil en leeg. Het jaar was zwaar geweest: stress, ruzie thuis, plannen die anders liepen dan gedacht. Ze voelde zich moe van alles.
Bij de ingang zag ze een man met een kartonnen beker. Ze twijfelde even, graaide in haar zak en gaf hem wat kleingeld. Hij keek op, glimlachte en zei: “Dank je. Fijne Kerst.”
Die woorden bleven hangen. Niet groot, niet spectaculair. Gewoon echt. Recht uit het hart.
Binnen klonk ergens zachte muziek. In een zijruimte van het station brandden kaarsen. Een kleine kerstviering, zag ze. Noor ging zitten, achterin. Niemand keek raar op. Er werd gelezen over een kind in een kribbe, over licht in de nacht. Iemand zong. Niet perfect, wel vol.
En ineens voelde Noor het: ze hoefde niets te bewijzen. Ze mocht er zijn. Met haar vragen, haar twijfels, haar hoop. Alsof God zelf fluisterde: Ik ben bij je.
Toen ze weer naar buiten liep, leek de stad hetzelfde. Maar zij niet. Ze fietste naar huis met een glimlach. Niet omdat alles opgelost was, maar omdat ze wist: het Licht is gekomen. En dat is genoeg.
Ik wens jullie mooie kerstdagen. Ik zou sommige mensen willen vragen: Kom eens vaker naar de kerk. God is hier altijd. Alle dagen van het jaar. Wij zijn hier altijd. Misschien kunnen we samen wat opbouwen.
Fijne dagen! En alvast Gods Zegen voor het nieuwe jaar 2026!