Preek op 25-01-2026, derde zondag door het jaar A, Pastoor Frank Domen
Openingswoord
Lieve medeparochianen, welkom!
Vandaag horen we de profeet Jesaja in de eerste lezing zeggen, dat een volk, dat in het donker loopt, een groot licht ziet. God brengt blijdschap en vreugde, alsof het oogstfeest is of alsof je eindelijk iets zwaars van je schouders voelt vallen. Zo vol goede toekomst is God: Hij roept zijn mensen samen, geneest verdeeldheid en laat zijn licht schijnen waar wij soms vastlopen.
Met de hoop op die vreugde zijn wij in dit Godshuis binnengekomen. Maar ook eerlijk: datzelfde licht laat zien waar wij soms tekortschieten in liefde, aandacht en geloof.
Daarom vragen we nu samen om vergeving, opdat ons hart open en vrij wordt om Gods licht te kunnen ontvangen.
Openingsgebed
Laat ons bidden. God, Gij zijt de toekomst van uw volk. Gij brengt het blijdschap en vreugde. “Licht in de duisternis”, zo is uw Naam. Roep ons weg uit alles wat niet naar U toe leidt. Bekeer ons uit onze verdeeldheid en breng uw verstrooide kinderen weer samen. Door … . Amen.
Peuter-, Kinder- en TienerWoordDienst
Preek
1. Een licht dat relaties geneest
Beste medegelovigen, in de tweede lezing en in het evangelie klinkt opnieuw dat woord, dat al door Jesaja werd gesproken: een licht, dat opgaat over mensen, die in het donker lopen. Matteüs laat zien hoe dat gebeurt wanneer Jezus aan zijn zending begint . Niet met geweld of prestige, maar met nabijheid, genezing en vriendschap. Hij ziet mensen, spreekt hen aan, Hij roept hen bij hun naam. En zij … zij laten hun netten liggen – niet omdat ze alles al hadden begrepen, maar omdat ze vertrouwen kregen. Er was blijkbaar een vonkje overgesprongen.
Dat is de kern van een relatie: vertrouwen. En waar vertrouwen groeit, ontstaat blijdschap. Zo werkt het tussen mensen; zo werkt het nog meer tussen God en ons.
2. Het geloof geeft houvast en vreugde
In ons dagelijks leven merken we hoe goed het doet als iemand naar ons luistert, ons ziet en steunt. Een goede vriendschap kan ons laten opbloeien; een stevige familieband kan ons door moeilijke tijden heen dragen.
Het geloof doet dat óók. Niet als theorie, maar als relatie met God: de Vader, die die goede toekomst geeft, Jezus, die Vriend en Broeder is, de heilige Geest, die ons heiligt, troost en ons eropuit stuurt.
In tijden van onzekerheid en zorgen is het geloof daarom geen last, maar juist een steun en een houvast. Het geeft rust aan het hart, richting aan onze keuzes, en zin aan het leven. Alleen al dat je weet – dat je niet alleen bent, dat je gedragen wordt, dat je leven betekenis heeft – dat brengt een vreugde, die dieper gaat dan aards plezier of succes.

3. Bij Paulus: één in Christus
Paulus spreekt vandaag de gemeenschap van Korinte aan. Daar waren verschillende groepen ontstaan: “Ik ben van Paulus”, “Ik van Apollos”, “Ik van Kefas”, “Ik van Christus”.
Wij herkennen dat: ook in onze tijd kunnen we ons vastbijten in verschillen, in partijen – Paulus noemt er slechts vier, maar onze Tweede Kamer telt momenteel, geloof ik, 15 verschillende politieke partijen! Maar Paulus stelt de vraag, die alles ontmaskert: “Is Christus dan in stukken verdeeld?”
Het antwoord is duidelijk: nee! Jezus Christus is één, en wij zijn geroepen om in Hem ook één van hart en één van geest te zijn.
Dat betekent niet, dat we allemaal hetzelfde moeten denken of voelen, maar dat wij vanuit één geloof, één hoop en één liefde handelen. Dat wij elkaar niet veroordelen, maar ondersteunen. Dat wij als gelovigen niet aan polarisatie meedoen, maar zaden van vrede en vertrouwen zaaien.
4. Onze tijd: spanning en hunkering naar hoop
We leven in een wereld waar de spanningen oplopen: geopolitiek, ideologisch, religieus, economisch. In de media horen we vaker over angst dan hoop, vaker verwijt dan blijdschap. En dan zegt Paulus vandaag tot ons: blijf één, blijf verbonden in Jezus Christus. En voor de mensen buiten de kerk de oproep: kom bij deze gemeenschap van geloof, hoop en liefde, het zal je goed doen!
Jezus Christus zegt in het evangelie: het Koninkrijk van de hemelen is nabij. Midden in de onzekerheid breekt er een toekomst open, die geen mens ter wereld zelf kan maken, maar waar wij wel aan mogen meewerken en die wij met ons mee mogen en – als christenen – zelfs móéten meedragen.
Juist nu is geloof niet iets om voor onszelf te houden; het is iets om elkaar te schenken: vertrouwen in plaats van wantrouwen, bemoediging in plaats van kritiek, waardigheid in plaats van wanhoop, vreugde in plaats van cynisme.
5. Geloven is relatie
Één van de mooiste lijnen in het evangelie is, dat Jezus niet alleen “onderricht geeft”, maar vooral oproept. Geloven begint niet met uitleg, maar met relatie: “Kom achter Mij aan.”
Met andere woorden: ga met Mij mee, wandel met Mij, leer van Mij, ervaar hoe Ik leef. Dat is leerling zijn: niet een examen, maar een vriendschap.
Wanneer wij zo geloven, ervaren wij die vreugde, die Paulus bedoelt en die Jesaja beschrijft: vreugde alsof het oogst is, alsof iets zwaars van onze schouders valt – een vreugde, die niet lawaaiig hoeft te zijn, maar diep is en standvastig.
6. Vissen van mensen
“En Ik zal u vissers van mensen maken,” zegt Jezus. Dat betekent: mensen binnenhalen in die kring van vertrouwen, vriendschap en geloof. Geen religieuze marketing, maar uitnodiging tot relatie.
Wie in God vreugde en steun vindt, kan het niet laten om dat aan anderen door te geven. Niet betuttelend, maar bemoedigend. Niet oordelend, maar opbouwend.
Broeders en zusters, wij mogen vissers van vrede worden. In onze gezinnen, in onze parochie, op het werk of op school, in onze stad.
7. Slot: blijdschap als vrucht van vertrouwen
Als wij het evangelie vandaag echt in ons laten klinken, horen wij drie dingen:
1. Jezus is het licht, dat vertrouwen wekt;
2. Paulus roept ons om dat licht niet door verdeeldheid te laten doven;
3. Wij mogen delen van wat wij ontvangen: steun, houvast, vreugde en vrede.
Dat is niet naïef, niet zweverig, onrealistisch, het is evangelisch. En het is precies wat wijzelf en de wereld nu nodig hebben.
Mogen wij daarom met hart en ziel leren vertrouwen op God – die Vader, Vriend en Geest is – en mogen wij elkaar helpen om dat vertrouwen te bewaren én door te geven. Want wie op God vertrouwt, mag leven van het licht. Amen.