Preek op 22-03-2026, vijfde zondag van de Veertigdagentijd jaar A, pastoor Frank Domen

Preek op 22-03-2026, vijfde zondag van de Veertigdagentijd jaar A, pastoor Frank Domen

Openingswoord

Beste medegelovigen, welkom bij deze heilige Mis van de vijfde zondag van de Veertigdagentijd. Het grote feest van Pasen komt steeds dichterbij. Zoals we tegen kleine kinderen zeggen: nog vijftien nachtjes slapen en dan is het zover.

Vandaag horen we heel bemoedigende woorden: God laat niet los, zelfs niet wanneer alles dood lijkt. Daarom mogen wij God vragen zich tot ons te keren en ons uit de dood tot het leven op te wekken.

In de eerste lezing doet God een werkelijk adembenemende belofte: “Ik open uw graven … mijn Geest schenk Ik u en gij zult leven.” Dat is geen utopie, geen wensdroom, maar een goddelijke belofte waaraan wij ons mogen vasthouden.

Maar … soms voelen wij ons leeg, vastgelopen of moe. Dan God wil ons oprichten, nieuw leven geven. Hij wil ons hart weer laten kloppen voor Hem en voor elkaar. Daarom is het goed, dat wij hier weer zijn samengekomen rondom het Altaar van de Heer.

Laten we oprecht voor zijn aanschijn treden, onze kleinheid erkennen, en samen bidden om vergeving van onze persoonlijke zonden en voor die van heel de Kerk en van heel de wereld. Dan kan God zijn belofte aan ons gaan vervullen.

Henk Smolenaars

Beste medeparochianen, het is alweer één jaar geleden, dat onze goede vriend Henk Smolenaars, onze vorige dirigent-organist, is overleden. Daarom zal ons Dionysiuskoorals eerbetoon aan Henk vandaag de Mis “Pro Pace” (voor de vrede) zingen, een Mis, die ooit door Henk zelf is gecomponeerd

Openingsgebed

Laat ons bidden. God, onze Vader, Schepper van alle leven, als Gij U afkeert, zijn wij verloren. Keer U tot ons en wek ons uit de dood tot het leven dat eeuwig duren zal. Door onze Heer Jezus Christus, uw Zoon … Amen.

Peuter-, Kinder- en TienerWoordDienst

Preek – “Als wij geloven, zullen wij Gods heerlijkheid zien”

1. Het lijkt soms dood … en toch leeft er iets

We kennen het allemaal: dat er in ons leven iets stilvalt. Een vriendschap, die minder wordt, een gebed dat moeilijk gaat, een goede gewoonte, die we kwijt zijn geraakt.

Het kan voelen alsof er iets gestorven is, alsof het niet meer terugkomt. En precies daar spreekt het Evangelie ons aan. Lazarus ligt al vier dagen in het graf, alles lijkt voorbij, en iedereen denkt, dat dit het einde is.

Maar Jezus zegt: “Heb Ik u niet gezegd, dat als ge gelooft, ge Gods heerlijkheid zult zien?” Daarmee nodigt Hij ons uit om anders te kijken: waar wij het einde zien, begint God vaak pas. Hij ziet mogelijkheden waar wij alleen grenzen zien, en Hij blijft werken, ook wanneer wij het niet meer verwachten.

2. De Geest woont in ons

De heilige apostel Paulus zegt, dat de Geest van God in ons woont. Dat betekent: wij zitten niet vast in wat doods is, maar diep in ons zit een bron van leven.

We merken dat soms in kleine dingen. Bijvoorbeeld wanneer we na een lange dag eigenlijk geen energie meer hebben, maar toch aandacht geven aan iemand, die ons nodig heeft. Of wanneer we opnieuw beginnen met bidden, ook al voelt het nog niet vanzelfsprekend.

Dat zijn geen toevallige momenten, maar tekenen, dat Gods Geest in ons werkt en ons van binnenuit levend maakt. Juist in die kleine, stille keuzes groeit het nieuwe leven dat God ons wil geven.

3. Jezus komt dichtbij

Wat zo ontroerend is, is dat Jezus niet op afstand blijft. Hij komt naar Marta en Maria toe, Hij deelt hun verdriet en Hij weent zelfs. Dat betekent, dat God niet ver weg blijft van ons leven, maar er middenin staat, ook en juist wanneer wij het moeilijk hebben.

Waarschijnlijk kennen ook wij momenten waarop we vastlopen in zorgen of teleurstelling, en denken, dat er geen uitweg meer is. Daar zegt Jezus dan: “Haal die steen in je hart weg.” Met andere woorden: geef Mij ruimte, laat Mij binnen in wat afgesloten lijkt. Dat vraagt vertrouwen, maar het opent de weg naar nieuw leven, vaak op een manier, die wij zelf nooit hadden kunnen bedenken.

4. Drie momenten waarop wij Gods heerlijkheid zien

Wanneer Jezus zegt, dat als wij geloven wij Gods heerlijkheid zullen zien, dan gaat dat niet alleen over later, maar ook over nu. In elke heilige Mis zijn er drie momenten waarop wij heel concreet naar de Heer mogen opzien.

Bij de consecratie – dat is de verandering van brood en wijn in het Lichaam en Bloed van de Heer – wanneer de priester de Hostie en daarna de Kelk omhoogtilt, mogen wij beseffen, dat Christus werkelijk aanwezig is. Het is een uitnodiging om bewust te kijken en in ons hart te zeggen: “Heer, U bent hier.” Het is dan wel de bedoeling, dat wij ook echt kijken naar Jezus Christus in de heilige Hostie!

Vervolgens, bij de doxologie – het gebed “Door Hem en met Hem en in Hem” – worden de Hostie en de Kelk samen omhooggeheven en wordt ons hele leven als het ware meegenomen in dat gebed. Wij mogen dan innerlijk meedoen en alles wat ons bezighoudt aan God toevertrouwen, ook datgene wat nog onduidelijk of moeilijk is. Het is dan wel de bedoeling, dat wij ook echt kijken naar Jezus Christus in de heilige Hostie en in de Kelk met heilig Bloed!

En tenslotte, bij de uitnodiging tot de Communie, wanneer de priester zegt: “Zie het Lam Gods”, wordt de heilige Hostie opnieuw getoond en mogen wij met dankbaarheid en verlangen opzien, in het besef, dat Hijzelf ons wil voeden met zijn leven. Het is dan wel de bedoeling, dat wij ook echt kijken naar Jezus Christus in de heilige Hostie!

Op deze drie momenten zien wij, met de ogen van het geloof, iets van Gods heerlijkheid, niet spectaculair, maar verborgen onder de eenvoudige gedaanten van brood en wijn, maar wel echt en diep.

5. Geloven is leren kijken

Geloven betekent, dat wij leren kijken met andere ogen, niet alleen naar wat zichtbaar is, maar ook naar wat God doet. In het gewone leven gebeurt dat vaker dan we denken.

Wanneer iemand geduldig blijft in een lastige situatie; wanneer iemand eerlijk durft te zijn; wanneer iemand de eerste stap zet naar verzoening, dan zien we iets van dat nieuwe leven.

Het zijn misschien kleine dingen, maar ze laten zien, dat God werkt, dat de dood niet het laatste woord heeft. Zo leren wij stap voor stap erop vertrouwen, dat God ook in ons eigen leven bezig is.

Om even een voorbeeldje te geven uit mijn eigen leven: vanmorgen had ik eerst een paar uur gewerkt en pas tegen 10.00 uur ging ik mijn morgengebed bidden, maar ik voelde al werkende een steeds grotere weerzin tegen het gebed. Toen ik eenmaal voor het uitgestelde Allerheiligste stond, zei ik: Heer, wilt U die steen van mijn hart wegnemen!? Ik begon met bidden en mijn weerzin veranderde in een blij verlangen om bij Hem te zijn. Ik ervaarde dat als een kleine verrijzenis.

6. “Lazarus, kom naar buiten!”

Op een gegeven moment roept Jezus: “Lazarus, kom naar buiten!” Dat woord klinkt dus ook tot ons. Het is alsof Hij tegen ieder van ons zegt: kom naar buiten uit wat je tegenhoudt, uit je angst, je twijfel of je zonde.

En tegelijk zegt Hij tegen de mensen eromheen: “Maakt hem los en laat hem gaan.” God wil, dat wij vrij worden, dat wij echt leven, dat wij niet vast blijven zitten in wat ons klein houdt. Soms betekent dat, dat wij een eerste stap zetten, hoe klein ook, en erop vertrouwen, dat God de rest zal doen. Soms hebben wij andere mensen vastgebonden met onze oordelen of vooroordelen. Jezus zegt: maakt ze los, laat hen vrij, geeft ze nieuwe kansen.

7. Op weg naar Pasen

Lieve kerkfamilie, we zijn op weg naar Pasen, naar het feest van het leven. De Veertigdagentijd mag dan wel een sobere tijd zijn, maar geen sombere, wel een tijd van verwachting, waarin God met ons bezig is en ons hart wil vernieuwen. Elke keer, dat wij in de Mis opkijken naar de Heer, mogen wij iets zien van zijn heerlijkheid, soms klein en stil, maar wel echt. Zo groeit in ons het geloof, en worden wij stap voor stap mensen van hoop en leven, mensen die zelf ook licht en leven brengen waar zij komen. Amen.