Preek op 10-08-2025, 19e zondag door het jaar C, diaken Eelke Ligthart
Openingswoord
Hartelijk welkom bij de viering van de H. Eucharistie op de 19e zondag door het jaar. Ook degenen die via livestream met ons zijn verbonden, welkom.
Wij mensen van tegenwoordig worden in beslag genomen door duizend en een dingen. Hoe kunnen we onthouden wat we de vorige dagen allemaal hebben gedaan? Soms ben je afwezig met je gedachten en varen we op de automatische piloot. Onze gedachten vliegen vaak van het verleden naar het heden.
Hier in de kerk ervaar je een moment van rust, je kunt nu even niets regelen. Zelfs de telefoon mag uit. Er is stilte, momenten van bezinning. In een maatschappij als van vandaag valt dat soms niet mee. Even aandacht voor God even contact zoeken met Hem die ook een rol speelt in ons leven.
Toch vraagt God ons vandaag klaar te staan om de rol in ons leven waar te maken, zorg en omzien naar elkaar.
Preek
Vandaag roept het evangelie ons op om alert te blijven. Op te letten wat er gebeurt in onze dagen , in onze tijd. Open aandacht voor de mensen om ons heen. Bijvoorbeeld, om een buurvrouw, sinds kort weduwe, die je misschien al een lange tijd niet hebt gezien. Is ze misschien ziek? Of een familie lid die zijn werk is kwijt geraakt. Wat betekent dat voor hem of haar. Kortom hebben we genoeg aandacht voor alles om ons heen?
Waarachtige aandacht, maakt ons rijk, en geeft ons energie. Het gaat om echt luisteren en niet ondertussen je eigen gedachtestroom door laten lopen, maar geïnteresseerd luisteren om de ander te begrijpen. Niet luisteren of je het er mee eens bent of hoe je je eigen mening er het beste tegenover kunt zetten, maar benieuwd: wie is de ander? Wat boeit hem/haar? Openstaan voor de moeite en problemen van de ander, met de wereld om ons heen.
Tot hoever moet mijn hulp zich uitstrekken? Mijn eigen familie? Dat lijkt wel duidelijk, alhoewel, dat geldt niet in elke familie. Mijn vriendenkring, de mensen in de straat, of de mensen in de stad waar we wonen? Maar buitenlanders dan? Zo ver hoeft ik toch niet te gaan in mijn naastenliefde! Waar ligt de grens?
In feite is dit niets anders dan doen zoals Jezus het voordeed. Een blinde man horen, op het moment dat hij roept. Zelfs kinderen serieus nemen en eerlijke aandacht geven. Ze mogen weten dat ze er toe doen. Er zijn voor je omgeving.
Maar er is zoveel wat ons zicht op belangrijke zaken kan vertroebelen. Er ligt a.h.w. een waas over de werkelijkheid van alle dag. Die waas, die mist heeft dikwijls te maken met onze zorg voor onze eigen kleine betrekkelijkheid en onze eigen onzekerheid. Tel ik nog wel mee, mag ik er zijn? Dat maakt ons onvrij, afhankelijk van wat ‘men’ vindt.
De lezing van vandaag zegt: “Wie zou die trouwe, verstandige beheerder wel zijn, die de Heer over zijn dienstvolk zal aanstellen, om hun op de gestelde tijd hun rantsoen koren te geven? Gelukkig de knecht, die de Heer bij zijn aankomst daarmee bezig vindt”. Maar wanneer de Heer komt, dat weten we niet. Zoals we ook niet weten wanneer de dief in de nacht komt.
In het Evangelie horen we, zoals altijd, een paar leerpunten van Jezus. Het is min of meer een vervolg van de vorige zondag. Jezus doet de belofte, dat God Zijn Rijk aan mensen zal schenken. Aan welke mensen dan? Aan een kleine groep, een kleine kudde? Dat is de kerk van de armen, van de mensen, die op Jezus hun vertrouwen hebben gesteld. Daarom hoeven ze ook niet op bezit te vertrouwen. Bezit schenkt geen leven, echt leven wordt door God geschonken.
Jezus gebruikt dan een gelijkenis om de verwachting van God niet te laten verlammen. De kudde en de knechten moeten steeds attent blijven op de terugkeer van de baas. Zo moeten wij, de kerk, attent zijn op de komst van de Mensenzoon, zegt Lucas tot de mensen van zijn tijd, en tot ons.
Dan stelt Petrus de vraag of dat voor iedereen geldt. Daar gaat Jezus weer met een gelijkenis op in.
Iemand wordt tot zaakwaarnemer gemaakt De ene mogelijkheid, ene knecht, is dat hij vooral op zijn voorrechten bedacht is: met machtswellust en zich te buiten gaan aan eten en drinken, zonder anderen wat te geven.
De andere mogelijkheid is je bewust zijn van de bijzondere verantwoordelijkheid.
Zaakwaarnemer zijn is dan leiding geven en dat is eigenlijk dienstbaarheid tonen. De leiding moet attent zijn op de werknemers aan de ene kant, en aan de andere kant attent zijn op het afleggen van verantwoording aan zijn baas.
Zo moet het ook zijn in de kerk. In de mensen, die leiding geven en de gelovigen zelf. We zijn a.h.w. zaakwaarnemers van Jezus, die zich moeten verantwoorden bij God. Elkaar steunen, bemoedigen zelfs in de wereld van vandaag.
Laten we klein beginnen als kerkgemeenschap met hoop en vertrouwen naar God toe, denkend aan Gods belofte. Amen.