Preek op 05-07-2026, 14e zondag door het jaar A, Pastoor Frank Domen

Preek op 05-07-2026, 14e zondag door het jaar A, Pastoor Frank Domen

Openingswoord

Welkom allemaal in deze heilige Mis. Vandaag mogen wij ons verheugen, omdat onze Koning tot ons komt. Niet met geweld, niet met indruk willen maken, maar deemoedig, op een ezel. Het lijkt vandaag wel een beetje op Palmpasen. Zo laat God zien wie Hij is: rechtvaardig, reddend, zachtmoedig en nabij.

Wij vragen Hem, dat ook wij leren leven in die geest: niet hard, niet trots, maar met een hart dat vrede brengt. Want misschien dragen wij zelf onrust mee, of hebben wij anderen tekortgedaan door onze woorden of houding.

Daarom keren wij ons eerst tot de Heer, en bidden wij samen de schuldbelijdenis.

Openingsgebed

Laat ons bidden. Heer, niet met macht en uiterlijk vertoon zijt Gij onder ons verschenen maar als een vorst van vrede, zachtmoedig en nederig van hart. Kom tot ons; dat wij uw juk op onze schouders nemen, zachtmoedig en nederig worden en uw vrede verkondigen aan alle mensen. Gij die leeft en heerst met God de Vader …

Peuter-, Kinder- en TienerWoordDienst

Preek – Rust voor onze zielen

Niet alles zelf hoeven dragen

Jezus zegt: “Komt tot Mij, allen die zwoegt en onder lasten gebukt gaat, en Ik zal u rust schenken.” Dat is geen spreuk op een wenskaartje, maar een dringende uitnodiging. Wij mogen met ons hele bestaan naar Hem toe komen: met onze zorgen, ons werk, onze verantwoordelijkheden, vragen over de toekomst, onze schuld, vermoeidheid, ook met ons verlangen om goed te leven.

Wij leven in een tijd waarin veel mensen moe zijn. Lichamelijk en ook geestelijk. Er is verwarring in Kerk en samenleving, druk op gezinnen, onzekerheid bij jongeren, wantrouwen tussen mensen. Er wordt veel geroepen, geoordeeld, sommige zaken eisen alle aandacht van ons hart op. Maar Jezus zegt dan heel rustig: komt tot Mij.

Soms denken wij, dat geloven betekent, dat er nóg iets bij komt. Nóg een taak, nóg een kerkelijke wet of een verwachting, zoals sommige pastoors – ik gelukkig niet – er nóg een parochie bij krijgen. Maar Jezus spreekt anders. Hij zegt: komt bij Mij, dan vindt uw ziel rust. Niet omdat alles om ons heen meteen verandert, maar omdat wij anders leren dragen en verdragen wat op onze weg komt.

In die tijd zei Jezus: “Ik prijs U, Vader, Heer van hemel en aarde, omdat Gij deze dingen verborgen hebt voor wijzen en verstandigen en ze hebt geopenbaard aan kinderen. Ja, Vader, want zo heeft het U behaagd.”

Kinderen begrijpen soms meer dan wij denken

Jezus Christus prijst vandaag de hemelse Vader, omdat Hij deze belangrijke zaken niet openbaart aan wie zichzelf wijs en verstandig genoeg vinden, maar aan kinderen of aan hen, die zijn net als kinderen. Daarmee zegt Hij niet, dat nadenken verkeerd is. Ons verstand is een gave van God. Wij mogen leren, zoeken, vragen stellen en ons geloof beter leren begrijpen.

Maar er bestaat ook een soort eigen wijsheid, die de deuren sluit. Dergelijke mensen hebben mensen overal een mening over, maar geen open hart meer. Dan weten zij precies wat niet meer van deze tijd is, wat overdreven is, wat de Kerk anders moet doen, wat God wel of niet mag vragen. En ongemerkt schuiven zij Jezus Christus stapje voor stapje naar de rand van hun leven en de samenleving wat een overwinning voor de duivel betekent.

Een kind kan ontvangen, iets wat een volwassene soms verleerd heeft, want het heeft vertrouwen. Een kind, dat zijn hand in de hand van vader of moeder legt, heeft niet eerst op Google Maps of op de TomTom de hele route bekeken. Het gaat mee, omdat het zich gedragen weet. Zo wil Jezus Christus ons leren geloven. Niet kinderachtig, maar kinderlijk: open, eerlijk, afhankelijk van God. Een kind schaamt zich er niet voor dat het nog lang niet alles weet.

Wanneer wij bidden vóórdat de dag begint, leggen wij onze hand in Gods hand. Wanneer wij vóór het voeren van een moeilijk gesprek eerst even stil worden, in plaats van meteen verhit te reageren, laten wij ruimte voor de heilige Geest. Dan is geloof geen franje, maar net zo belangrijk als onze levensadem.

Leven door de Geest

Paulus zegt dan ook : “De Geest van God woont in u.” Hij zegt niet, dat de Geest ver weg is, alleen bestemd voor heiligen uit oude boeken. Hij zegt, dat Gods Geest ín ons woont. Door ons Doopsel, de heilige Communie die wij ontvangen, door het Vormsel, de Biecht, het Sacrament van het Huwelijk, door geloof en gebed, wil God zelf ons van binnenuit levend maken.

Paulus maakt verschil tussen leven naar het vlees en leven door de Geest. Met ‘vlees’ bedoelt hij niet, dat ons lichaam slecht is. Het gaat om een verkeerde manier van leven waarin wij ons laten meeslepen door bijvoorbeeld egoïsme, drift, jaloezie, bitterheid, verslaving, gemakzucht en de neiging om God buiten beeld te houden. Gevoelens, die wij min of meer dagelijks ervaren. Wij kunnen niet tegelijk zeggen, dat Jezus Christus onze Heer is én Hem vervolgens in ons leven weinig of geen ruimte geven.

Leven door de heilige Geest begint met concrete keuzes. Toch dat vriendelijke berichtje sturen, geen vlijmscherpe opmerkingen maken. De tijd nemen voor iemand. Naar de heilige Mis gaan, ook wanneer er nog van alles te doen is. Ons geweten niet laten inslapen. De heilige Geest werkt in het gewone, dagelijkse leven.

Het juk van Jezus

Jezus zegt: “Neemt mijn juk op u.” Een juk klinkt zwaar, maar in de tijd van Jezus was een juk bedoeld om een last beter te kunnen dragen. Een slecht juk schuurt en verwondt de huid. Een goed juk verdeelt het gewicht, zodat een mens of dier verder kan.

Wij allen dragen een juk. De vraag is alleen welk. Het juk van altijd moeten presteren, of van wat anderen van ons vinden. Het juk van bitterheid of van alles zelf willen bepalen. Het juk van een leven zonder God. Dat soort lasten beloven vrijheid, maar maken een mens moe en leeg.

Jezus haalt niet alle lasten zomaar van onze schouders, maar Hij leert ons dragen met Hem. Zijn juk is zacht, omdat Hij zelf zachtmoedig is. Zijn last is licht, omdat Hij niet naast ons staat als een strenge opzichter, maar met ons meegaat als onze Heer en Redder.

Lieve mensen, ons christelijk geloof is geen somber pakket verplichtingen. Het is verbonden raken met Jezus Christus, die ons hart wakker maakt en ruimer. Wie met Hem leeft, hoeft niet weerbaarder te worden om in Kerk en samenleving overeind te kunnen blijven. Wij kunnen juist standvastiger en zachter worden, omdat Gods in ons is.

Rust vinden en vuur ontvangen

Rust voor onze zielen betekent niet, dat wij aan een soort ‘geloofspensioen’ toe zijn. Het betekent, dat wij mogen ophouden met leven alsof alles van ons alleen afhangt. Vanuit die rust kunnen wij liefhebben zonder onszelf te verliezen, elkaar helpen zonder ons te laten opjagen.

Die rust is dus geen slaap. Jezus geeft geen verdoving, maar een nieuw en beter leven. Hij maakt ons niet passief, maar wakker. In een tijd waarin zoveel stemmen ons omringen, vraagt Hij ons hart. Niet een stukje, niet alleen op zondag, maar alle dagen van de week, heel het jaar door.

Wanneer wij straks de heilige Communie ontvangen, komt dezelfde Jezus tot ons, die zegt: “Komt tot Mij.” Hij geeft niet alleen goede raad; Hij geeft zichzelf. Hij is zachtmoedig en nederig van hart, en tegelijk sterker dan zonde en dood.

Laten wij daarom vandaag naar Hem toegaan met wat zwaar is én met wat mooi is, met ons geloof én met onze vragen. Dan leren wij leven als kinderen van de Vader: vrijer, blijer, eenvoudiger. Niet omdat wij alles begrijpen, maar omdat wij weten bij Wie wij zijn. Amen.