Uit de geschriften van de zalige Jan van Ruusbroec († 1381)
De nieuwe komst van Christus
De tweede komst van Christus, onze Bruidegom, geschiedt dagelijks in de goede mensen; Hij komt dikwijls, ja herhaaldelijk, met genaden en nieuwe gaven in allen die er zich naar best vermogen op voorbereiden. Het waarom van deze tweede komst is viervoudig: Gods barmhartigheid en onze armzaligheid, Gods mildheid en ons verlangen. Deze vier doen alle deugden in waarde groeien.
Een vergelijking zal dit beter doen begrijpen. Wanneer de zon haar stralen uitgiet over een diepe vallei tussen twee hoge bergen en wanneer de zon zelf in het zenit van het firmament staat zodat zij de diepste bodem van die vallei kan bestralen, dan geschieden daar drie dingen. De vallei krijgt meer licht dank zij de weerkaatsing van het licht op de bergen, zij wordt meer verwarmd en zij wordt vruchtbaarder dan een geheel effen vlakte.
Zo ook vergaat het een goed mens, als hij afdaalt tot de diepste bodem van zijn kleinheid en als hij bekent dat hij uit zichzelf niets heeft en niets vermag en dat hij ook dikwijls te kort schiet in deugden en goede werken. Als deze mens op die manier zijn armoede en zijn nood erkent, dan graaft hij zich een dal van nederigheid. Dan beseft hij Gods verhevenheid en zijn eigen kleinheid en zo wordt hij zelf een diep dal.
Christus echter is een zon van gerechtigheid en ook van barmhartigheid, die in het zenit van het firmament staat, dat is aan de rechterhand van zijn Vader, en die zo de bodem van nederige mensen kan bestralen. Christus kan niet onbewogen blijven bij menselijke nood, telkens als die met een nederig hart wordt uitgesproken en als men daarbij zijn hulp vraagt.
Dan ziet men twee bergen oprijzen, dat zijn twee verlangens: het ene om God te dienen en te loven zoals Hij dit verdient, het andere om deugden te verwerven in voortreffelijkheid. Deze twee bergen reiken hoger dan de hemelen, want deze verlangens raken God rechtstreeks en verlangen naar zijn vrijgevige mildheid. Deze mildheid kan daaraan niet weerstaan: zij kan dan niet anders dan uitvloeien en zich meedelen, want de ziel staat helemaal open om meer gaven te ontvangen.
Dit zijn de redenen voor deze nieuwe komst van Christus met nieuwe deugden. Dan ontvangt dit dal, de nederige mens, drie dingen: hij wordt meer verlicht en verhelderd door de genade, meer verwarmd door de liefde en hij wordt vruchtbaarder in volmaakte deugden en in goede werken.