Preek op 28-06-2026, 13e zondag door het jaar A, Pastoor Frank Domen

Preek op 28-06-2026, 13e zondag door het jaar A, Pastoor Frank Domen

Openingswoord

Welkom in deze heilige Mis. Vandaag worden wij uitgenodigd om met open ogen en een open hart te leven en te herkennen, dat God ons vaak tegemoetkomt in gewone mensen, in iemand die aanklopt, langskomt, of ons iets van Hem laat zien.

In de eerste lezing ontvangt een vrouw de profeet Elisa gastvrij in haar huis. Zij geeft hem een kamer, een tafel en een stoel, een lamp. En door die ontmoeting wordt haar leven gezegend: tegen alle verwachting in krijgt zij een zoon.

Laten wij ook vragen om een gastvrij hart, en erkennen, dat wij soms gesloten waren. Bidden wij samen de schuldbelijdenis.

Openingsgebed

Laat ons bidden. Heer onze God, in mensen komt Gij ons tegemoet, in hun gelaat kunnen wij U herkennen. Wij bidden U, dat wij aan deze uitnodiging niet voorbijgaan, maar gastvrij worden en openstaan voor ieder, die uw profeet kan zijn en ons op zijn manier verhaalt van uw Zoon, Jezus Christus, onze Heer. Die met U leeft en heerst… . Amen.

Peuter-, Kinder- en TienerWoordDienst

Preek – Ons kruis wordt een weg

Jezus loopt niet om het kruis heen

Jezus zegt vandaag: “Wie zijn kruis niet opneemt en Mij volgt, is Mij niet waardig.”

Dat klinkt streng, zeker wanneer wij zelf iets te dragen hebben wat zwaar is. Een zorg in het gezin, een lichaam dat niet meer doet wat wij willen, een verdriet dat blijft terugkomen, een angst waar wij niet zomaar overheen kunnen stappen, of een teleurstelling, die ons stil maakt.

Wij zien zulke dingen vaak als iets wat onze levensvreugde verstoort, alsof het echte leven pas weer kan beginnen wanneer al die ellende voorbij is.

Maar Jezus zegt iets anders. Hij zegt niet, dat het kruis mooi is. Hij zegt zeker niet, dat wij pijn moeten zoeken. Hij zegt: neem het op en volg Mij. Met andere woorden: laat wat je zwaar valt je niet van Mij wegtrekken, maar neem het met je mee naar Mij toe.

Niet elke last is meteen een roeping

Er zijn kruisen, die wij niet zelf gekozen hebben. Iemand wordt ziek, wordt afgewezen, iemand moet verder zonder een mens van wie hij of zij veel hield. Er zijn ook kleinere kruisen, die toch veel van ons vergen: geduld hebben met iemand die een beetje traag is, zwijgen wanneer wij iemand graag eens goed de waarheid zouden willen zeggen, trouw blijven aan een taak waar niemand voor klapt.

Jezus vraagt niet, dat wij doen alsof dat allemaal heel gemakkelijk is, maar wijst ons erop, dat wij er niet alleen voor hoeven te staan. Wie zijn kruis opneemt, zegt eigenlijk: Heer, dit hoort vanaf nu bij mijn levensweg, maar ik wil en kan het niet dragen zonder U.
Het geloof verandert de richting

Paulus zegt in de tweede lezing, dat wij door de doop met Jezus Christus begraven zijn, om met Hem een nieuw leven te leiden. Dat betekent, dat ons christelijk leven niet alleen bestaat uit mooie woorden, een kaarsje opsteken en af en toe een gebedje zeggen. In de doop zijn wij verbonden met Jezus Christus zelf: met zijn sterven én met zijn verrijzen. Daarom hoeft zelfs wat donker is, niet meer het laatste woord te krijgen. Een tegenslag blijft een tegenslag, verdriet blijft verdriet, maar in Christus is het niet langer een doodlopende weg. Het wordt een plaats waar liefde kan groeien, geduld sterker wordt, waar ons hart ruimer wordt dan wij voor mogelijk hadden gehouden.

Gewone dagen, echte navolging

Een jongere kan dat op school meemaken als hij buitengesloten wordt. Hij kan verbitterd raken en de anderen terugpakken, maar kan ook met Jezus kiezen om niet aan verharding mee te doen en een ander toch vriendelijk aan te kijken. Een ouder, die moe thuiskomt en merkt, dat er nog van alles moet gebeuren, kan zuchten en mopperen, maar kan ook een of andere taak oppakken als een stille daad van liefde. Dan is het kruis niet verdwenen, maar het blijft niet vruchteloos. Het wordt verbonden met Jezus Christus. En daar begint nieuw leven, soms klein, soms verborgen, maar echt.

Het kruis maakt ons niet kleiner

Wij denken soms, dat levensvreugde betekent, dat wij zo weinig mogelijk lasten te dragen moeten hebben. Natuurlijk mogen wij genieten van gezondheid, vriendschap, rust, humor, muziek, een goede maaltijd, een mooie dag. Dat zijn allemaal geschenken van God. Maar een mens, die alleen maar gelukkig kan zijn zonder moeite, wordt kwetsbaar voor elke tegenwind. Jezus Christus leert ons een diepere vreugde: niet de vreugde van rozen zonder dorens, maar de vreugde van een hart, dat weet waar het naartoe gaat. Wie met Jezus Christus draagt, draagt niet richting leegte, maar richting Pasen. Achter zijn kruis schijnt het licht van de verrijzenis.

Kleine liefde telt mee

Aan het einde van het evangelie spreekt Jezus Christus nog over een beker koud water. Dat is nog eens praktische nuchterheid. Niet iedereen kan grote dingen doen. Niet iedereen kan alles oplossen. Maar wij kunnen wel iemand ontvangen, iemand helpen, iemand laten merken, dat hij niet over het hoofd wordt gezien. Een telefoontje naar iemand, die alleen zit, een vertrouwde hand op iemands schouder, een eerlijk “ik zal voor je bidden” en dat dan ook werkelijk doen: het zijn zogenaamd kleine daden, maar in Gods ogen zijn ze niet klein. Daar komt Jezus Christus ons tegemoet, en daar mogen wij Hem dienen.

Levend voor God

“Beschouw uzelf als dood voor de zonde en levend voor God in Christus Jezus”, zegt Paulus ten slotte. Daarin ligt een diepe kracht voor elke dag. Wij hoeven niet langer slaaf te zijn van zelfmedelijden, wrok, angst of gemakzucht. Wij mogen telkens opnieuw kiezen: Heer, vandaag wil ik met U leven. Vandaag wil ik mijn kruis niet gebruiken als reden om dicht te klappen, maar als kans om meer als U te worden. Zo wordt geloven geen last bovenop het leven, maar een licht ín het leven. En wie zo met Christus meegaat, ontdekt onderweg, dat het kruis niet het einde is. Het is de weg waarop de Verrezene met ons meegaat. Amen.