De Tenhemelopneming met ziel en lichaam van de allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria
Maria Tenhemelopneming – met ziel en lichaam bij God
Een groot feest van hoop
Op 15 augustus viert de Kerk een van de mooiste Mariafeesten: het hoogfeest van de Tenhemelopneming van de allerheiligste Maagd en Moeder Gods Maria. Wij vieren dat Maria aan het einde van haar aardse leven door God met ziel en lichaam in de hemelse heerlijkheid is opgenomen.
Dat klinkt misschien als iets wat alleen over Maria gaat. Maar eigenlijk zegt dit feest ook heel veel over ons eigen leven en onze eigen toekomst. Maria laat ons zien waartoe God de mens heeft geschapen. Ons leven eindigt niet bij het graf. God wil ons bij zich hebben, helemaal: met heel ons bestaan.
Maria is ons daarin voorgegaan. Wat wij voor onszelf nog verwachten, is in haar al werkelijkheid geworden.
Maria hoort helemaal bij Jezus
Om Maria Tenhemelopneming te begrijpen, moeten wij vooral naar Jezus kijken. Alles wat de Kerk over Maria zegt, heeft uiteindelijk met Hem te maken.
Maria heeft Jezus gedragen in haar lichaam. Zij heeft Hem ter wereld gebracht, voor Hem gezorgd en Hem zien opgroeien. Zij heeft in Hem geloofd en is Hem blijven volgen. Zij stond onder het kruis toen bijna iedereen was weggevlucht. En na zijn verrijzenis vinden wij haar terug te midden van de leerlingen.
Maria is daarom niet zomaar een vrouw uit een ver verleden. Haar hele leven is verbonden met Christus.
Zij zei bij de aankondiging door de engel: “Mij geschiede naar uw woord.” Daarmee stelde zij haar leven beschikbaar voor God. Niet omdat zij wist hoe alles zou verlopen, maar omdat zij Hem vertrouwde.
Dat vertrouwen heeft zij haar hele leven volgehouden.
Wat betekent “met ziel en lichaam”?
Soms denken mensen bij de hemel vooral aan de ziel. Het lichaam sterft en wordt begraven, terwijl de ziel naar God gaat. Maar het christelijk geloof zegt méér.
Wij geloven namelijk in de verrijzenis van het lichaam.
Aan het einde van de geloofsbelijdenis zeggen wij dat iedere zondag: “Ik verwacht de opstanding van de doden en het leven van het komend Rijk.”
God redt dus niet alleen een stukje van ons. Hij heeft ons geschapen als mensen van lichaam en ziel. Ons lichaam hoort bij wie wij zijn. Daarmee hebben wij gewerkt, gebeden, liefgehad, geleden, anderen geholpen en de sacramenten ontvangen.
Daarom is de Tenhemelopneming van Maria zo’n krachtig teken. God heeft haar helemaal bij zich opgenomen. Haar aardse leven is voltooid in de heerlijkheid van de hemel.
En daarin zien wij alvast wat God uiteindelijk ook voor ons bedoelt.
Maria is niet uit eigen kracht ten hemel gegaan
Er is een verschil tussen de Hemelvaart van Jezus en de Tenhemelopneming van Maria.
Jezus stijgt ten hemel op door zijn eigen goddelijke macht. Hij is de Zoon van God, die de dood heeft overwonnen.
Maria wordt daarentegen door God in de hemel opgenomen. Zij redt zichzelf niet. Ook Maria heeft alles aan Gods genade te danken.
Dat is belangrijk, want Maria staat nooit naast Jezus alsof zij een tweede verlosser zou zijn. Jezus Christus alleen is onze Verlosser. Alles wat Maria heeft ontvangen, heeft zij van God ontvangen.
Juist daarom verheerlijken wij God wanneer wij Maria eren. In haar zien wij hoe groot de genade van God in een mens kan worden.
De vrouw die God helemaal vertrouwde
Maria had geen gemakkelijk leven.
Al heel jong werd zij geroepen om de moeder van Jezus te worden. Zij begreep niet hoe alles zou gebeuren. Kort daarna moest zij met Jozef en het Kind vluchten voor koning Herodes. Later zag zij dat Jezus werd afgewezen en tegengewerkt.
Uiteindelijk stond zij onder zijn kruis.
Daar stond een moeder die haar eigen Zoon zag sterven.
Toch bleef zij geloven. Zij kon Gods plannen niet altijd begrijpen, maar zij liet Hem niet los.
Daarom is Maria voor ons zo’n bijzondere leermeesteres in het geloof. Ook wij begrijpen niet alles wat in ons leven gebeurt. Soms bidden wij lange tijd zonder een antwoord te zien. Wij kunnen getroffen worden door verdriet, ziekte, teleurstelling of verlies.
Maria leert ons niet dat gelovigen geen verdriet kennen. Zij leert ons dat wij midden in het verdriet God kunnen blijven vasthouden.
Het Magnificat wordt werkelijkheid
Op het feest van Maria Tenhemelopneming horen wij in het evangelie vaak Maria’s lofzang, het Magnificat.
Maria zegt daarin:
“Mijn hart prijst hoog de Heer,
van vreugde juicht mijn geest om God, mijn redder.”
Zij prijst God omdat Hij naar haar heeft omgezien. Zij beseft dat haar grootheid niet uit haarzelf komt. God heeft grote dingen aan haar gedaan.
Bij haar Tenhemelopneming zien wij hoe letterlijk die woorden worden vervuld.
De eenvoudige jonge vrouw uit Nazaret wordt door God verheven. Niet omdat zij rijk was, machtig of beroemd. Niet omdat zij zichzelf belangrijk vond. Juist haar geloof, haar nederigheid en haar volledige overgave aan God kenmerken haar leven.
De wereld zegt vaak: maak jezelf groot.
Maria zegt: maak ruimte voor God.
En God maakt haar groot.
Ook ons lichaam is kostbaar
Dit feest vertelt ons bovendien iets belangrijks over ons lichaam.
Ons lichaam is geen verpakking die we uiteindelijk weggooien. Het is een gave van God. Daarom behandelt het christelijk geloof het menselijk lichaam met eerbied.
Dat geldt voor een jong en gezond lichaam, maar ook voor een lichaam dat ouder wordt, ziek wordt of beperkingen krijgt. Onze menselijke waardigheid hangt niet af van onze schoonheid, kracht of gezondheid.
Maria Tenhemelopneming laat zien dat God zijn schepping niet afschrijft.
Hij wil haar vernieuwen.
Wie ouder wordt en merkt dat het lichaam steeds minder kan, mag daarom weten: dit lichaam is voor God niet waardeloos geworden. Wie ziek is, mag weten dat ziekte niet het laatste woord heeft. En wanneer wij een geliefde begraven, geloven wij dat het graf niet het eindpunt is.
Maria is al waar wij hopen te komen
Wij kunnen Maria vergelijken met iemand die ons op een lange reis is voorgegaan en de bestemming al heeft bereikt.
Zij behoort tot ons. Zij is een mens zoals wij, een schepsel van God. Maar zij leeft nu volledig in Gods heerlijkheid.
Daarom geeft dit feest zoveel hoop.
Wij zijn onderweg. Wij kennen nog strijd met onze zwakheden en zonden. Wij kennen verdriet en onzekerheid. Wij moeten allemaal eens sterven.
Maar de hemel is geen mooie droom die christenen hebben bedacht om de dood wat draaglijker te maken. Onze hoop rust op Jezus Christus, die werkelijk uit de dood is verrezen.
Maria’s Tenhemelopneming laat zien wat de overwinning van Christus uiteindelijk betekent voor een mens die helemaal bij Hem hoort.
Maria trekt onze blik omhoog
Het leven kan ons gemakkelijk volledig in beslag nemen. Er zijn rekeningen, zorgen, afspraken, gezondheid, familieproblemen, werk en dagelijkse bezigheden.
Allemaal belangrijk.
Maar wij zijn voor méér geschapen.
Maria Tenhemelopneming nodigt ons uit om onze blik weer omhoog te richten. Niet om aan het gewone leven te ontsnappen, maar om het gewone leven vanuit zijn uiteindelijke bestemming te bekijken.
Wij zijn op weg naar God.
Dat verandert ook hoe wij vandaag leven. Als wij voor de eeuwigheid zijn geschapen, worden liefde, trouw, vergeving, gebed en zorg voor anderen opeens ontzettend belangrijk. Veel dingen waarmee mensen indruk proberen te maken, blijken uiteindelijk voorbij te gaan.
Maar wat uit liefde wordt gedaan, krijgt eeuwigheidswaarde.
Een Moeder die dicht bij ons blijft
Maria is door haar Tenhemelopneming niet verder van ons verwijderd geraakt.
Integendeel.
De Kerk gelooft dat zij bij God leeft en voor ons bidt. Daarom wenden christenen zich al eeuwenlang tot haar: “Heilige Maria, Moeder van God, bid voor ons, zondaars, nu en in het uur van onze dood.”
Vooral die laatste woorden passen prachtig bij dit feest.
“In het uur van onze dood.”
Wij vragen Maria bij ons te zijn wanneer wij zelf die laatste grens moeten oversteken. Zij die al bij haar Zoon leeft, mag ons helpen om ook dan op Hem te vertrouwen.
Onze bestemming is de hemel
Maria Tenhemelopneming is daarom veel meer dan een feest ter ere van Maria. Het is een feest van Christus’ overwinning, een feest van de waardigheid van de mens en vooral een feest van christelijke hoop.
Maria laat ons zien waarheen God ons roept.
Niet naar het niets.
Niet naar een graf dat voor altijd gesloten blijft.
Maar naar het leven bij Hem.
Wanneer wij op 15 augustus naar Maria kijken, zien wij dus ook iets van onze eigen bestemming. Zij is ons voorgegaan. Zij leeft helemaal bij God. En zij wijst ons steeds opnieuw naar haar Zoon.
Daarom mogen wij haar vragen:
Maria, Moeder van God, help ons om zoals u op God te vertrouwen. Leer ons dicht bij Jezus te blijven, in goede én moeilijke dagen. En bid voor ons, opdat wij eens met u mogen delen in de vreugde van het eeuwige leven bij God. Amen.