Geboren om naar Jezus te wijzen

Geboren om naar Jezus te wijzen

Op 24 juni viert de Kerk het hoogfeest van de Geboorte van Johannes de Doper. Dat is bijzonder, want van de meeste heiligen vieren wij vooral de sterfdag: de dag waarop zij zijn binnengegaan in het eeuwige leven. Bij Johannes vieren wij ook zijn geboorte. Dat zegt al iets over zijn plaats in Gods plan. Nog vóór hij zelf kan spreken, is zijn leven al een teken van hoop.

Johannes wordt geboren bij Zacharias en Elisabet, twee mensen op leeftijd. Menselijk gezien lijkt hun toekomst afgesloten. Zij hebben lang op een kind gehoopt, maar die hoop is langzaam stil geworden. En juist daar begint God opnieuw. De geboorte van Johannes laat zien dat God niet vastloopt op wat wij onmogelijk noemen. Waar mensen zeggen: “Het kan niet meer”, opent God een weg.

Zijn naam is veelzeggend: Johannes betekent: “God is genadig.” Niet Zacharias, naar zijn vader. Niet een vertrouwde familienaam. Nee, een nieuwe naam, omdat God iets nieuws begint. Zacharias moet zelfs leren zwijgen voordat hij weer kan spreken. Hij krijgt tijd om te luisteren. Pas wanneer hij gehoorzaamt aan Gods woord en de naam Johannes bevestigt, komt zijn stem terug. Dan wordt zijn zwijgen lofzang.

Johannes zal later geen gemakkelijke boodschap brengen. Hij gaat de woestijn in. Hij leeft sober. Hij roept mensen op tot bekering. Niet om hen klein te maken, maar om ruimte te maken voor God. Hij zegt eerlijk wat er misgaat, omdat hij weet dat God iets beters met ons voorheeft. Zijn boodschap is niet: “Kijk naar mij.” Zijn hele leven zegt: “Kijk naar Hem.” Wanneer Jezus komt, wijst Johannes naar Hem en zegt: “Zie het Lam Gods.”

Daar ligt ook voor ons een opdracht. Wij hoeven niet allemaal als Johannes in de woestijn te gaan wonen, maar wij kunnen wel leren om naar Christus te wijzen. In hoe wij spreken. In hoe wij omgaan met waarheid. In hoe wij iemand helpen om opnieuw te beginnen. Jongeren kunnen dat doen op school, in vriendschappen, online, thuis. Ouderen kunnen dat doen door trouw, wijsheid, gebed en een woord dat richting geeft. Soms wijst iemand naar Jezus door veel te zeggen. Soms juist door rustig, eerlijk en betrouwbaar aanwezig te zijn.

Johannes leert ons ook iets over nederigheid. Hij is groot, maar hij maakt zichzelf niet groter dan zijn zending. Later zal hij zeggen: “Hij moet groter worden, maar ik kleiner.” Dat is geen sombere zin. Het is de vreugde van iemand die zijn plaats heeft gevonden. Wie Christus groter laat worden, verliest zichzelf niet. Die wordt juist vrijer, eenvoudiger, zuiverder van hart.

Het feest van de Geboorte van Johannes de Doper nodigt ons uit om opnieuw te luisteren naar Gods roepstem. Misschien begint God ook in ons iets nieuws. Misschien vraagt Hij ons om moediger te spreken, eerlijker te leven, meer ruimte te maken voor gebed, vergeving en bekering.

Johannes werd geboren als voorloper van Jezus. Ook wij mogen voorlopers zijn: mensen die met hun leven zeggen dat Christus nabij is.