Jaar C, Geboorte van de Heer (Nachtmis)

Geboorte van de Heer (nachtmis) – Lucas 1, 1-14.15-20

Eer aan God in den hoge
en op aarde vrede
aan de mensen in wie Hij zijn welbehagen stelt.

Talloze mensen zingen en vieren het mee: gelovigen, amper-gelovigen en anders-gelovigen. Zij voelen zich deze dagen sterk of in elk geval nog altijd een beetje betrokken bij dit lied.

Eer aan God in den hoge
en op aarde vrede
aan de mensen in wie Hij zijn welbehagen stelt.

Kerstmis is klaarblijkelijk het toegankelijkste, het gemakkelijkste feest van de christenen. Tegelijk gaat het over de ontoegankelijkste, de moeilijkste waarheid van het christelijk geloof: dat een God die de hele wereld omvat, mens is geworden; dat een God die alomtegenwoordig is, nu plots te vinden is op één welbepaalde plaats: in Palestina, in Bethlehem, in een stal, in een kribbe; kortom: dat God die almachtig is, zich zo klein kan maken.

Dat tart toch alle verbeelding en alle redelijk verstand.

Precies daarom, omdat het niet enkel ons verstand maar zelfs onze verbeelding overstijgt, is geloven in menswording minstens even moeilijk als geloven in leven over de dood heen.

En toch zingen talloze mensen, gelovigen en ongelovigen:

Eer aan God in den hoge
en op aarde vrede
aan de mensen in wie Hij zijn welbehagen stelt.

Het gevaar bestaat dat wij het laatste vers van het engelenlied als een beperking opvatten: vrede op aarde, enkel aan die mensen in wie God welbehagen stelt; en aan de anderen dús niet – wie dan ook met de enen en de anderen bedoeld wordt.

Wij moeten het echter in de ruimste zin verstaan, namelijk als een boodschap, een mededeling, een openbaring van Gods diepste wezenheid die erin bestaat:

dat Hij in de mensen zijn welbehagen stelt;
dat Hij zijn welbehagen afhankelijk maakt van mensen;
dat Hij zich welbehaaglijk voelt, op voorwaarde dat mensen op aarde Hem eren en met elkaar in vrede leven.

Vrede is het ultieme godsgeschenk aan de schepping, als mensen het willen aanvaarden, als zij het elkaar willen gunnen.

Hoe kon het anders, of God moest wel zelf mens worden: omdat Hij geen andere manier vond om zijn goddelijk welbehagen consequent uit te drukken Zo alleen kon Hij zeggen wat Hij uiteindelijk zeggen wilde: dit is mijn Zoon, de Welbeminde in wie Ik al mijn welbehagen heb gesteld.

Eer aan God in den hoge
en op aarde vrede
aan de mensen in wie Hij zijn welbehagen stelt.

Van ‘eer aan God’ gesproken…

Het eerste personage dat in het kerstverhaal optreedt, is keizer Augustus. Eer aan God? Neen, alle eer aan zichzelf! Want wil zijn naam – Augustus – reeds niet zeggen: de verhevene, de ‘mens’ in den hoge?
En keizer Augustus, dat weten wij maar al te goed, is van alle tijden. Daarom moet ook vandaag Jezus geboren worden: ter ere van God in den hoge.

Ik prijs U, hemelse Vader, dat Gij al deze dingen verborgen houdt voor wijzen en verstandigen, voor de verhevenen, maar ze laat zien aan de kleinen.

En wie niet wordt als deze kleinen, zal het Rijk der hemelen niet binnengaan.

Eer aan God in den hoge.
En van ‘vrede op aarde’ gesproken…

Het eerste personage van het kerstverhaal, keizer Augustus, de verhevene, is een man van de vrede. Was hij er niet in geslaagd vrede te vestigen in heel zijn immense rijk? Maar wat voor soort vrede dan? De vrede van: ik heers; en jij: van hier naar daar, van Nazareth naar Bethlehem om je te laten registreren, omdat ik weten moet al wat je hebt, al wat je doet. Zo blijf ik de baas. En enkel zo is vrede op aarde mogelijk.

Fax romana, verdeel en heers. Ook dat is, weten wij maar al te goed, van alle tijden. En ook daarom moet vandaag opnieuw Jezus geboren worden: om vrede te stichten op aarde voor mensen van Gods welbehagen.

Zalig de armen van geest, want zij zijn mensen van Gods welbehagen.
Zalig die barmhartig en zachtmoedig zijn, want zij zijn mensen van Gods welbehagen.
Zalig die hongeren naar recht en dorsten naar vrede, mensen van Gods welbehagen.

Wie onder u de eerste wil zijn, moet de dienaar van allen worden, mensen van Gods welbehagen.

Ik geef u een nieuw gebod, dat gij elkander liefhebt, zoals Ik u heb liefgehad, mensen van Gods welbehagen.

Vrede zij met u, de paasgroet van de Verrezene aan zijn vrienden. Vrede zij met u, mensen van Gods welbehagen.

Ons kerstlied dat een paaslied bij uitstek is:

Eer aan God in den hoge
en op aarde vrede
aan de mensen in wie Hij zijn welbehagen stelt.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments
0
Would love your thoughts, please comment.x
()
x