Jaar B, DHJ 31

Eenendertigste zondag door het jaar B – Marcus 12, 28-34

Hoe vaak niet hebben wij reeds vastgesteld dat het allerminst beste maatjes geweest zijn, Jezus en (in één adem genoemd) de farizeeën, schriftgeleerden en hogepriesters. Op bijna iedere bladzijde van het evangelie zijn zij erbij als een stel grimmige vitters.

Nochtans lijken zij het goed te bedoelen, van hun kant uit gezien dan, als zij zich opwerpen als de verdedigers van hun religie, hun traditie, hun testament, hun wet. En een beetje kritische zin tegenover nieuwlichters kan echt geen kwaad, zo weten wij.

Maar op enige sympathie vanwege de evangelist Marcus en zijn collega’s schijnen zij niet te hoeven rekenen met hun methode van wetsgetrouwheid en gebodsbescherming. Wij slaan er enkele voorbije bladzijden van Marcus op na waar zij aan het gebeuren deelnamen.

Die man spreekt godslasterlijk. Wie kan er zonden vergeven dan God alleen? Hoe durft Hij het aan, te eten met tollenaars en zondaars?

Tot nu toe hebben zij nog alleen maar het hunne ervan gedacht. Maar stilaan komen zij los, allereerst met hun kritiek op zijn volgelingen.

Waarom vasten uw leerlingen niet? Waarom doen zij op sabbat dingen die niet geoorloofd zijn door de wet? Waarom gedragen zij zich niet volgens de overlevering van onze voorvaderen?

Verder gaat het dan regelmatig over: Hem op de proef stellen; Hem strikken in de netten van hun wetskennis; Hem vastzetten met als argument de wet van Mozes zelf. Die heeft toch toegestaan dat een man zijn vrouw wegstuurt, of niet? Ook de politiek durven zij erbij te betrekken: moeten wij belasting betalen aan de keizer, of niet?

Heel rechtstreeks gingen zij niet zo lang geleden in de aanval, toen Jezus de tempel van Jeruzalem van geld en gesjacher had schoongeveegd. Welke bevoegdheid hebt Gij om dit te doen? Wie heeft U die bevoegdheid gegeven?

Als deze escalatie bijna haar hoogtepunt heeft bereikt, treedt plots de schriftgeleerde van vandaag naar voren. Hij heeft blijkbaar het zinloze van hun achterdocht ingezien. Hij heeft zich blijkbaar van zijn collega’s gedistantieerd. Hij stelt de enig juiste vraag. En Jezus’ antwoord heeft Hij goed begrepen en volop aanvaard.

Wij, zo kun je als het ware zijn gedachten lezen, niet al ons gekibbel en gevit omdat de wet dit en de wet dat, wij vergeten gewoon het allereerste gebod. En deze man, deze nieuwe Rabbi die wij zo vol argwaan achtervolgen omwille van de wet, Hij zegt, Hij doet niet anders dan het allereerste gebod beleven.

Wat, Meester, wat is het allereerste gebod?

Eén zaak is zeker: het allereerste gebod van God komt in het begin, als God de hemel en de aarde heeft geschapen, als God de mens heeft geschapen – naar zijn beeld.

Zo staat het te lezen in het scheppingsverhaal van Genesis op de allereerste bladzijde van de Bijbel. God schiep de mens als zijn beeld, als het beeld van God schiep Hij hem, man en vrouw schiep Hij hen. God zegende hen en sprak tot hen – zijn allereerste gebod:

‘Wees vruchtbaar en word talrijk. Bevolk de aarde en onderwerp haar. Heers over de vissen van de zee, over de vogels van de lucht en over al het gedierte dat over de grond kruipt. Alle gewassen en bomen geef Ik u; zij zullen u tot voedsel dienen.’

God sprak: uw taak is het, mens, gij die mijn evenbeeld zijt, ten volle deel te nemen aan het leven, aan mijn leven, zoals Ik het in mijn schepping uitstrooi.

Geniet van de schepping. Dat wil zeggen: ga volop om met mensen en dingen; ga eerbiedig om met de dingen en met de mensen, zoals Ik ze tot leven heb geroepen, zoals Ik ze bedoel.

Als wij dit eerste gebod van het scheppingsverhaal vergelijken met het antwoord van Jezus, dat niet anders is dan het oude woord van Mozes, beaamd door de schriftgeleerde, beaamd ook door onze kerk in haar bondige formulering ‘Bovenal bemin één God’, dan lijkt een en ander toch wel heel wat te verschillen en langs elkaar heen te gaan. Of zijn beide formuleringen bij nader inzien niet gewoon synoniem van elkaar, uitleg en verklaring voor elkaar?

Wat is het allereerste gebod? Wat is: God beminnen? Met geheel je hart, met geheel je verstand, met al je krachten? En je naaste zoals jezelf?

Hoe sterk hebben wij het woord ‘beminnen’, liefde tot God, liefde tot de medemens, ingekapseld in een onbestemd en vaag, enerzijds vroom-mythisch, anderzijds romantisch-gevoelig patroon? Niet dat dit, goed begrepen, verkeerd hoeft te zijn. Maar het is zoveel minder concreet en nuchter dan het eerste, het begin, het beginsel, het principe, toen God de volgende woorden sprak:

Mens, gij mijn evenbeeld, geniet van de aarde, mijn schepping; en daarom, maak haar groot en schoon, mijn bedoeling.

God beminnen is geen kwestie van: aan Hem iets geven dat een mens niet geven kan. Het is een kwestie van: krijgen, ontvangen, aanvaarden, genieten.

God beminnen is niet: Hem een onbestemd, menselijk gevoel toedragen – hoe mooi ook – dat Hem alleen maar neerhaalt tot op onze mensenmaat.

God beminnen is: Hem krijgen, Hem aanvaarden, zijn ‘liefde’ krijgen, aanvaarden. Daarvan is het enige concrete teken en de enige reële realisatie dat je al wat je gekregen hebt, al wat jijzelf hebt en bent, niet voor jezelf behoudt, maar aanbiedt, geeft, schenkt aan je naaste, aan hem, aan haar die is als jezelf.

Bemin God met heel je hart.

Dank God dat je hart klopt, zolang het kloppen zal. En schenk je hart aan je naaste, die is als jezelf: genegenheid, bekommernis, deernis en al wat een mensenhart niet vaag maar concreet doet kloppen voor een ander.

Bemin God met hart en ziel.

Bid tot God. Laat je ziel zingen voor de Heer, zolang die zingen kan. En bid voor elkaar. Draag elkaar een warm hart toe, vol stille aandacht en wederzijdse eerbied.

Bemin God met heel je verstand.

Gebruik je verstand, gebruik het leeg en op: voor vooruitgang, niet voor vernietiging; voor de realisatie van de schepping met alle krachten en toekomst die zij inhoudt. Wees ‘creatief’, beeld van God.

Bemin God met al je krachten, al je talenten. Woeker ermee, tot ze het begeven, tot je verstand en je hart het begeven, gegeven aan Gods mysterie, gegeven in de dienst van die is zoals jijzelf bent, je naaste, je spiegel, je eigenste evenbeeld van God.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

0 Reacties
Inline Feedbacks
View all comments
0
Would love your thoughts, please comment.x
()
x