Overweging bij de lezingen van zondag 01-12-2019, Eerste zondag van de Advent

Overweging bij de lezingen van zondag 01-12-2019, Eerste zondag van de Advent

Matteüs 24,37-44

De wezenlijke kern van het geloof  

Het is louter toeval dat ik juist het plein vóór de kerk oversteek wanneer daar de bus aankomt met een groep dorpsgenoten die een dagje weg zijn geweest naar een naburig land. Terwijl zij uitstappen informeer ik naar het verloop van hun reis. Ik krijg lovende reacties te horen, meestal over wat zij onderweg allemaal hebben gegeten en gedronken. Terwijl ik nadien mijn weg vervolg, kan ik het niet laten bij mijzelf te denken: wat is er toch weinig nodig om mensen enthousiast te maken! Eten en drinken, een pleziertje hier en een pretje daar is genoeg om hen gelukkig te maken. Het is het enige waarvoor zij interesse schijnen te hebben. Men heeft de indruk dat zij zich weinig bekommeren om wat er hen in de toekomst wellicht boven het hoofd hangt. Het is alsof zij er geen benul van hebben hoe broos en vluchtig alles in dit leven is. Er is weinig ruimte voor de werkelijk belangrijke vragen over de herkomst van de wereld, de zin van het leven en het uiteindelijke lot van de mens.

Op een cruciaal en gevaarlijk punt van de Europese geschiedenis organiseerden de politici verantwoordelijk voor de toekomst van het continent een bijeenkomst waarvan een waarnemer verslag uitbracht met deze woorden: ‘Le Congrès s’amuse’, ‘Het Congres vermaakt zich’!

De mens schijnt ook weinig echt te veranderen. Het gebrek aan waakzaamheid, aan aandacht voor wat er eventueel staat te gebeuren wanneeer God zal ingrijpen, is geen uitvinding van vandaag. Het karakteriseerde reeds de mens ten tijde van Noach en, volgens Jezus, zal het ook in de toekomst niet verdwijnen: ‘Zoals het ging in de dagen van Noach, zo zal het gaan bij de komst van de Mensenzoon. Zoals toch de mensen in de dagen vóór de zondvloed doorgingen met eten en drinken, met huwen en ten huwelijk geven, tot op de dag dat Noach de ark binnenging, en zij niets vermoedden, totdat de zondvloed kwam en allen wegrukte: zo zal het ook gaan bij de komst van de Mensenzoon’.

Jezus komt het gezellige bestaan van de mens die alleen maar interesse heeft voor eten en drinken, voor geld verdienen en bezit verwerven, voor feesten en fuiven, voor de banaliteit van het dagelijks leven, hardhandig verstoren. Hij kritiseert niet het feit dat de mens bezig is met aardse beslommeringen. Hij weet wel dat wij niet kunnen overleven zonder eten en drinken en dat huwen en ten huwelijk gegeven worden  de aardse toekomst van de mensheid verzekeren. Wel verzet Hij zich tegen het feit dat die bezigheden al onze aandacht opeisen, zodanig dat wij blind worden voor al de rest. Hij herinnert er ons aan dat wij vroeg of laat geconfronteerd zullen worden met de Mensenzoon, wanneer die terugkeert naar de aarde en dat die confrontatie niet zonder gevolgen zal blijven: ‘Dan zullen er twee op de akker zijn: de één wordt meegenomen, de andere achtergelaten; twee vrouwen zullen met de molen aan het malen zijn: de één wordt meegenomen, de andere achtergelaten’.

Het evangelie van vandaag bevat een dringende uitnodiging om ons te bezinnen over wat werkelijk belangrijk is in het leven, over de echte en blijvende waarden, over de toekomst die God voor ons bereidt; een uitnodiging om onze vaak onthutsende zorgeloosheid aan de kant te zetten en aandacht op te brengen voor de Heer die komt, niet alleen op het einde der tijden, op het uur waarop wij Hem niet verwachten, maar ook nu reeds, op elk ogenblik van ons bestaan, in het woord van de Schrift, in de prediking van de Kerk, in de viering van de liturgie, in de sacramenten, in het gebed, in de stem van ons geweten, in de ontmoeting met onze naaste. Wie de boodschap van het evangelie van deze eerste zondag van de advent tot zich laat doordringen begrijpt dat de joodse filosofe Simone Weil heeft kunnen schrijven: ‘de wezenlijke kern van het geloof is de aandacht’.